Volg ons online

Nieuws

Experiment met deeltijd zorg voor als het even niet meer gaat

Regeringspartijen VVD en D’66 willen een experiment met deeltijd zorg voor als het even niet meer gaat thuis.

Gedeeld

op

Deeltijd zorg experiment

Deeltijd zorg voor als het even niet meer gaat. Regeringspartijen VVD en D’66 willen dat er een experiment komt met een parttime verpleeghuis waar mensen naartoe kunnen om mantelzorgers te ontlasten.

Hun oproep is ook gericht aan de minister van Volksgezondheid om, naar aanleiding van het plan dat de partijen naar de kamer zullen sturen, te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn. “Met de pilot willen we onderzoeken of het aansluit bij het de behoefte van ouderen, wat het betekent voor de organisatie van een verpleeghuis en bijvoorbeeld wie de kosten betaalt”, zegt Tweede-Kamerlid Vera Bergkamp (D’66).

Steeds zwaarder

Bij de NOS werd gisteren direct gekeken of mensen hier ook echt behoefte aan hebben. Jan de Valk (74) en zijn vrouw Willy (73) werden hierover geïnterviewd. Willy heeft Alzheimer en gaat steeds sneller achteruit. Het echtpaar woont nog zelfstandig en dat willen ze het liefste ook zo lang mogelijk blijven doen. Toch wordt het voor Jan als mantelzorger steeds zwaarder. Een parttime verpleeghuis waar Willy af en toe een paar dagen naartoe kan vindt hij dus ook geen gek plan. Het zou Jan enorm ontlasten, zodat hij ook af en toe weer even op adem kan komen.

Makkelijke overgang

“Het spreekt me aan als overgang naar een geheel verblijf in een verpleeghuis. Dat is heel rigoureus en er zitten veel haken en ogen aan, hoor ik uit de praktijk. Veel verdriet, boosheid en verzet. Deze parttime manier zou de overgang wat kunnen verzachten. Voor mijn vrouw, maar ook voor mij, want Alzheimer heb je eigenlijk met z’n tweeën.”

Deeltijd zorg

Het houdt De Valk erg bezig hoe zijn vrouw zal omgaan met eventuele parttime verzorging in een tehuis. “Wat mij wel bezighoudt is hoe het haar zal vergaan. Misschien ontstaat er wel een enorme onrust bij haar als we dan weer naar huis gaan. Het lijkt een geweldige tussenoplossing. Maar als het niet goed gaat heb je heel dramatisch uitstel van iets dat toch wel gaat gebeuren. Het zal altijd verdrietig zijn. De ideale oplossing is er niet. Mijn vrouw is nu nog nuchter, ze zegt: ‘het is zoals het is’.”

Mezzo, de landelijke organisatie voor mantelzorgers, en ANBO, de belangenorganisatie voor senioren, steunen het plan van VVD en D’66.

Bron: NOS

NED7 is dé community voor 50-plussers die bewijzen dat ouder worden alles behalve vervelend is.

Advertentie

Nieuws

Ik kom tijd tekort!

De heer Van Oudheusden is 101 jaar en komt tijd tekort zoals hij zelf zegt. Hij schrijft nog iedere week voor de krant en is niet van plan daar binnenkort mee te stoppen.

Gedeeld

op

Ik kom tijd tekort

Harrie van Oudheusden is met zijn 101 jaar de oudste en de langst dienende krantencorrespondent van Nederland. En misschien wel van de wereld! Tot op de dag van vandaag maakt hij voor het weekblad De Maasroute de agenda.

‘Het is niet om aan te zien, die stapel.’ Hij wijst naar een grote stapel vol knipsels. ‘Ze sturen me van alles toe en dan kijk ik wat geschikt is voor de agenda.’ Maar ik verzamel zelf ook informatie, zoals activiteiten die in dit huis plaatsvinden. ‘Wil jij geen bezorger worden?’, vraagt hij lachend. Daar is een groot tekort aan.’ Hij gebruikt een ouderwetse typemachine om de agenda te maken. Zijn zoon Jan stuurt de stukjes door.

Correspondent

Van Oudheusden is niet altijd in de journalistiek werkzaam geweest. ‘Net als mijn vader heb ik gewerkt in een schoenenfabriek, Pulles-Van Gerwen. Ik ben daar adjunct-directeur geworden. Totdat de fabriek overgenomen werd. Ik kon al snel aan de slag als chef de bureau bij het Nieuwsblad van het Zuiden.’ Daarnaast werd hij correspondent voor Waalwijk voor het Brabants Dagblad. Van Oudheusden is nooit gestopt met schrijven. Zo schreef hij samen met zoon Jan het boek ‘Van Grotestraat tot Vredesplein. Een 100 jarige blikt terug.’

Tweede Wereldoorlog

Tijdens de oorlog vroeg de pastoor hem of hij bonnen wilde rondbrengen bij gezinnen die onderduikers in huis hadden. ‘Samen met mijn vrouw heb ik bonnen rondgebracht. Ik verstopte de bonnen in mijn sokken. Dat leek me een goed plekje. Mijn ouders wisten er niets van. Het was een spannende tijd. Ik ben blij dat ik dat heb kunnen doen voor de mensen.’ Hij kreeg een oproep om op 17 mei 1940 gekeurd te worden, maar de oorlog was op 15 mei afgelopen. Eerder hoefde hij niet in dienst omdat twee broers al in dienst actief waren.

Familie

Twee broers en een zus stierven jong, twee zussen zijn de 90 jaar gepasseerd; net als zijn vader die 92 werd. Zijn moeder overleed op haar 70e. Hij pakt wat fotoboeken, zoals het ‘Harrie Honderd familieboek’. ‘Mijn vrouw en ik hebben vier dochters en 1 zoon gekregen. We hebben 17 achterkleinkinderen. Kijk, daar staan ze allemaal. Dit is mijn vrouw.’ Hij vertelt trots dat ze prachtig piano kon spelen. Ze gaf ook pianoles aan kinderen in Drunen. Ze is 90 jaar geworden. ‘Ik ben blij dat ze geen lijdensweg heeft hoeven af te leggen. Dan leg je je makkelijker bij zo’n groot verlies neer.’

Ik kom tijd tekort!

Ze woonden toen al in dit zorgcentrum. Daar is hij erg blij mee. ‘Ik zit hier in de cliëntenraad. En ik speel hier biljart.  ‘Op maandag speel ik competitie en woensdag is het vrij biljarten. Ik kom echt tijd tekort.’ Want natuurlijk heeft hij ook nog zijn werk voor De Maasroute. ‘Ik krijg er geen cent voor hoor. Het is een soort bezigheidstherapie.’ Toch zijn al zijn werkzaamheden niet onopgemerkt gebleven: in 1991 ontving hij een koninklijke onderscheiding en werd hij lid van de Orde van Oranje- Nassau. ‘Ik blijf het doen zolang mijn gezondheid het toelaat. Ik ben weinig ziek geweest. Met roken ik lang geleden gestopt. Ik krijg wel veel pillen. Geen idee waar die allemaal voor dienen’, grapt Van Oudheusden. Misschien komt het door het vele fietsen. ‘Ik heb tot mijn 98e gefietst. Het bekende rondje: Waalwijk, Drunen, de Drunense Duinen en weer terug. Wat? Je bent nooit naar de Drunense Duinen geweest? Dat kan niet!’

Meer weten?

Wil je meer weten over de Vastenactie van dit jaar? Bezoek dan de website van de actie of de aparte website van de 40-dagen challenge.

Lees verder

Nieuws

Van het concert des levens krijgt niemand een programma

De heer van Rijswijck is bijna 100 jaar en heeft nog steeds de oud Hollandse spreuk: van het concert des levens krijgt niemand het programma, aan de muur hangen. ‘Het klopt nog steeds!’

Gedeeld

op

Concert des levens

Op verzoek van de geïnterviewde is de naam gefingeerd

‘Wat waren we blij als de Vastentijd voorbij was. In die tijd kreeg je op zondag 1 koekje. Maar ik heb altijd meegedaan met de Vastentijd.’, zegt de heer van Rijswijck (bijna 100 jaar). Hij woont sinds 10 jaar in woon-, zorg- en activiteitencentrum Vreedenhoff in Arnhem. Naar eigen zeggen het gezelligste huis van Arnhem waar vijf studenten wonen en waar veel bijzondere activiteiten plaatsvinden. Zoals het programma ‘old school’ waarin ouderen hun verhaal vertellen. Ook de heer van Rijswijck heeft mooie verhalen van vroeger.

‘Ik was veertien jaar toen mijn moeder en ik gingen solliciteren bij een modehuis in Den Haag. Ik droeg een korte broek met zwarte kousen. Ik ging werken op de etalage afdeling. Daarna heb ik lang bij de V&D gewerkt, altijd bij de afdeling voor de etalages. Bij V&D heb ik ook mijn vrouw leren kennen. Zij leeft niet meer. We hebben samen vier kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen.

Moderne tijd

Die kinderen weten tegenwoordig zoveel. Op hun vierde weten ze al waar de kinderen vandaan komen. Ik vraag me af waar de grens ligt. En of het allemaal bij de moderne tijd hoort. Wie zal het zeggen? Ik ben opgegroeid in een klein dorpje. Daar had je nauwelijks voorlichting. Dat heb ik altijd gemist. Je wist niets. Er werd nergens over gepraat. Ik leerde veel van de Haagse jongens en de boerenmeisjes. Die waren in mijn ogen wereldwijs.’

Keurig opgevoed

De heer van Rijswijck is keurig opgevoed en kijkt met verwondering naar de huidige tijd. ‘Alles mag en kan tegenwoordig. Ik heb moeite met het tutoyeren. Wij zijn heel anders opgevoed. Ik zet bij wijze van spreken nog altijd mijn hoed af.’ Als er een begrafenisstoet langsreed, bleef iedereen stil staan vertelt de heer van Rijswijck. Een agent met een helm hield de boel staande. Nu toeteren de automobilisten ongeduldig.  Vroeger was er volgens hem veel meer huiselijke gezelligheid. ‘Er werden spelletjes gedaan, mensen waren lid van verenigingen.’ Hij luisterde naar de radio, naar het hoorspel ‘Ome Keesje.’ Daar bleef de hele familie voor thuis.

Geen radio

Maar toen er nog geen radio was, speelden we domino of een loterijspel. Met pinda’s erbij en als hun vader een goede week had gehad, waren er ook rozijnen bij. ‘Ik herinner me nog goed hoe opoe vanuit de bedstee ons goed in de gaten hield, ondanks dat ze een glazen oog had. We moesten regelmatig boodschappen voor haar halen. In de winkels kregen we een zakje snoep mee. Wij haalden daar weleens een snoepje uit, want bij de ene opoe kreeg je er niets van. De andere was wat royaler. Soms werden we zelfs teruggestuurd naar de winkel voor ander snoep met de mededeling; opoe kan die snoep niet eten, want ze zijn te hard.‘

Concert des levens

Van het concert des levens krijgt niemand een programma. Die tekst zag hij op een bordje hangen bij buren. ‘Dat zette me aan het denken. Nu heb ik het bordje met de tekst zelf aan de muur hangen. En het klopt nog steeds. Je gaat, als het je tijd is. Je weet niet wanneer je aan de beurt bent.’

Meer weten?

Wil je meer weten over de Vastenactie van dit jaar? Bezoek dan de website van de actie of de aparte website van de 40-dagen challenge.

Lees verder

Nieuws

Meeleven met de gang van zaken in de wereld

Mevrouw Ter Steege wordt dit jaar 103. Geboren in Batavia en uiteindelijk naar Nederland gekomen. Haar geheim? Meeleven met de gang van zaken van de wereld. Altijd op de hoogte blijven en meedoen.

Gedeeld

op

door

Gang van zaken in de wereld

‘Net als koning Willem-Alexander ben ik geboren op 27 april. Maar, ik was eerder. Ik ben geboren in 1915 in Batavia, in Indië. Dat is nu Jakarta. Ik ben met mijn vier zussen en broer opgegroeid in Batavia. Mijn ouders waren volbloed Nederlands. Ik trouwde met een man die ook Nederlands was en ook een groot deel van zijn hele leven in Indië heeft gewoond. Al heeft hij zijn middelbare school en studie Pharmacie in Nederland gedaan.

We kregen drie kinderen, twee dochters en een zoon. Mijn man werkte voor het Koninklijk Nederlands-Indische leger als apotheker. Elke zes jaar gingen we – als we verlof hadden – naar Nederland. De reis naar Nederland duurde vier weken. Dat had zeker zijn charmes, vier weken heen, zes maanden verlof en vier weken terug.’

Soevereiniteitsoverdracht

‘De laatste keer, in 1949, liep het verlof anders. Het werd een verlof dat voorgoed zou duren. We kwamen in Nederland omdat de zussen van mijn man die in Curaçao leefden ook in Nederland zouden zijn. Eindelijk zouden we elkaar, na 13 jaar, weer zien. Maar we mochten na het verlof niet meer terugkeren. In de tussentijd was namelijk de soevereiniteitsoverdracht getekend. We waren niet meer welkom. Dat was erg moeilijk. We waren er opgegroeid en voelden er thuis! Ook hebben we het nodige meegemaakt in Indië gedurende de oorlog. Het kamp overleeft. En dan waren we niet meer welkom. Dat kwam hard aan.’

Allesbehalve gastvrij

‘De ontvangst in Nederland was allesbehalve gastvrij. We werden opgevangen in wat nu het Singer Museum in Laren is. Het was onvoorstelbaar koud. We woonden met het gezin in één grote, hoge atelier op het noorden.’ Haar man kon aan de slag bij de landmacht. In 1950 verhuisden we naar Amsterdam, naar een dienstwoning. ‘Het sneeuwde toen we verhuisden. Ook de woning in Amsterdam bleek moeilijk te verwarmen. Door de weeks ging het nog omdat de woning boven kantoren lag, boven het rijksmagazijn. In het weekend waren de kantoorruimten leeg en werd er niet gestookt. De keuken was de beste plek. Daar was  het nog enigszins warm omdat daar werd gekookt. Mijn man ging in 1953 met pensioen. Uiteindelijk is het gezin naar Bussum verhuist. We waren zo blij dat we nu een woning hadden die we echt zelf hebben uitgezocht.’ Ze is heel wat keren verhuisd in haar leven. Ook in Indië is ze vaak verhuisd als haar man werd overgeplaatst.

Mooie momenten

Haar man kon niet stil zitten. Snel had hij werk gevonden in een laboratorium waar dierenproeven werden gedaan. Hij nam een ratje mee naar huis. ‘Dat werd een echte huisvriend.’ Hij heeft daar 12 jaar gewerkt en ging toen opnieuw met pensioen. Niet lang daarna meldde haar man zich aan bij ‘Dienst over grenzen’ en werd hij uitgezonden naar Perzië, het huidige Iran.  Daar kon hij aan de slag bij een Amerikaans zendingshospitaal. Hij sorteerde Amerikaanse medicijnen. ‘Mijn opleiding tot apotheker assistente kwam goed van pas. Ik hielp hem met het werk.’ De moslimcultuur kwam haar niet onbekend voor. ‘We hebben er mooie momenten beleefd.’ Ik vraag haar of ze het niet moeilijk vond om zich opnieuw aan te passen. ‘Ik deed het omdat mijn man daarheen ging.’ Na een stilte voegt ze toe en kijkt met een serieuze blik aan: ‘Ik heb het wel geleerd om me aan te passen.’

Noodlottig ongeluk

‘Mijn zoon Frans is in 1964 op 17-jarige leeftijd door een noodlottig auto-ongeluk is omgekomen. Behalve dochter Riet zat het hele gezin in de auto. ‘Ik was als enige op de begrafenis van mijn broer’, vertelt Riet. ‘De anderen lagen nog in het ziekenhuis.’ Mevrouw Tersteege vertelt dat haar man eigenlijk niet bij haar op de kamer mocht slapen maar zoveel stennis heeft geschopt dat het wel mocht. Deze tragische gebeurtenis heeft veel impact op het gezin. ‘De kracht van God heeft me in moeilijke tijden geholpen.’

Gang van zaken in de wereld

‘Haar man overleed toen hij 76 was. Ik had nooit gedacht dat ik zelf de 100 zou halen. Want die tropenjaren tellen dubbel.’ Sinds 2008 woont ze in het verzorgingshuis in Bussum. Als ik aanstip dat veel verzorgingshuizen een transformatie ondergaan, antwoordt ze: ‘We mogen hier gelukkig gewoon blijven wonen.’ De agenda van mevrouw Tersteege is goed gevuld. ‘Ik probeer zoveel mogelijk met de activiteiten die hier zijn mee te doen. Wandelen op maandag, iedere ochtend koffieochtenden, dinsdag schilder ik met het creatieve clubje en ik ga wekelijks naar de kerkdienst.’ Haar dochters komen regelmatig op bezoek. Ze heeft twee kleinzoons maar die wonen niet in de buurt. ‘Eentje woont zelfs in Ierland.’ Ze leest iedere dag de krant. ‘Ik probeer mee te leven met de gang van zaken in de wereld. Ik probeer altijd de goede dingen op te zoeken die er ook nog zijn in het leven.’

Meer weten?

Wil je meer weten over de Vastenactie van dit jaar? Bezoek dan de website van de actie of de aparte website van de 40-dagen challenge.

Lees verder

Meest gelezen