Volg ons online

Wonen

Gedwongen zelfredzaam na 30 jaar

Wat betekent zelfredzaam zijn nu echt? Harry, Tiny en Sonja moeten na 30 jaar beschermd wonen weer zelfstandig worden. Hoe gaat dat?

Gedeeld

op

Zelfredzaam na 30 jaar beschermd wonen

Hoe is het om na 30 jaar beschermd wonen in Capelle aan den IJssel, te moeten verhuizen naar een zelfstandige woning in een 55+ complex in een gewone woonwijk, tussen “gewone” mensen?

Harry, Tiny én Sonja zijn 3 bewoners van een instelling voor beschermd wonen in Capelle en worden in deze documentaire, van regisseur Maartje Nevejan, gevolgd tijdens hun verhuizing van een beschermde situatie naar een nieuw leven waar ze zelfredzaam moeten zijn.

Is zelfredzaam zijn wel mogelijk?

Met alle veranderingen van de laatste jaren wordt verwacht dat Harry, Tiny en Sonja op eigen benen kunnen gaan staan. Maar kunnen ze dat ook wel echt? Is het verantwoord om tegen mensen, die 30 jaar lang beschermd hebben gewoond, te zeggen dat ze vanaf nu zelfstandig moeten gaan wonen? En wat als er iets misgaat? Wie vangt hun dan op? In de documentaire laten Harry, Tiny en Sonja zien wat het betekent om weer te moeten participeren in de maatschappij waar zij zolang geen onderdeel van waren. Zij proberen zich aan te passen aan alle snelle veranderingen om zich heen. Ze moeten sinds lange tijd weer zelf koffie maken, boodschappen doen, schoonmaken en klusjes doen in het huis. Ook moeten ze zelf zaken regelen en contacten onderhouden om niet te vereenzamen.

Bekijk hier de documentaire via Uitzending Gemist: 2Doc over Harry, Tiny en Sonja

Hoe slecht is het echt?

De centrale vraag van de documentaire is natuurlijk: Is het echt zo slecht dat van mensen verwacht wordt om meer zelfredzaam te zijn? En is het niet juist alleen maar goed? Niet iedereen is hetzelfde, dus de een lukt het ook beter dan de ander. De documentaire belicht de situatie van alle kanten en laat zien hoe ver wij in Nederland zijn doorgeslagen met onze “zorgverslaving” die onze verzorgingsstaat de afgelopen tijd in de hand heeft gewerkt. Aan de andere kant laat de documentaire ook heel duidelijk zien hoe belangrijk het is dat wij oog hebben voor de persoonlijke situaties van mensen die hulp nodig hebben en die niet zomaar aan hun lot kunnen worden overgelaten. Voor Harry, Tiny en Sonja verloopt de integratie in ieder geval moeizaam. De buren zijn alles behalve warm en behulpzaam en van de familie kunnen zij ook weinig verwachten. Sonja’s dochter Milja verzorgt haar moeder wel al 40 jaar, maar ook zij heeft moeite dit vol te houden.

Wij zijn heel benieuwd naar jouw mening over dit onderwerp. Moeten wij mensen zoals Harry, Tiny en Sonja volledig verzorgen en beschermen, of is het juist beter ze meer zelfredzaam te maken zodat zij zelfstandiger zijn? Laat hieronder een bericht achter of discussieer mee op onze Facebook community.

NED7 is dé community voor 50-plussers die bewijzen dat ouder worden alles behalve vervelend is.

Advertentie

Wonen

Oud worden in New York

Oud worden in New York, hoe doen ze dat daar? Blogger Yvonne Witter ging op bezoek en deelt haar ervaringen uit de stad die nooit slaapt.

Gedeeld

op

Oud worden in New York

Onlangs reisde blogger Yvonne Witter, van het Aedes-ActiZ Kenniscentrum Wonen-Zorg, af naar New York, de stad die nooit slaapt. Maar hoe worden mensen oud in deze stad? Is dat anders dan in Nederland? Ze deelt haar ervaringen hier op NED7.

New York, the city that never sleeps….voor het Hebrew Home geldt dit zeker. In dit zorgcentrum in New York bieden ze namelijk nachtopvang aan. Mensen met dementie kunnen daar van 7 uur ‘s avonds tot 7 uur ’s ochtends terecht. Oververmoeide mantelzorgers kunnen met een gerust hart slapen. De hele avond en nacht zijn er activiteiten, met de nadruk op dans en muziek. De ouderen met dementie kunnen ook een dutje doen als ze willen. Maar de meesten zijn klaarwakker en doen mee aan de diverse activiteiten. Zo is er ook een zonsondergang-wandeling en fysiotherapie. Iedere avond komen er 35 ouderen naar de nachtopvang. Er zijn dan telkens 5 professionals aanwezig. Een efficiënt gebruik van de ruimte want overdag is de ruimte bestemd voor andere activiteiten. Het kost 265 dollar per nacht, maar vergoeding via Medicaid is mogelijk. Het project is vooralsnog uniek in de Verenigde Staten. ‘Ik snap niet dat het nog geen navolging heeft gekregen’, zegt een medewerkster.

100 jaar groei en innovatie

Het Hebrew Home houdt van innovaties. Zo is het huis al vroeg begonnen met het inzetten van robotdieren, heeft het in de jaren negentig al beleid gemaakt rond seksualiteit in het huis en vroeg het al jaren terug aandacht voor ouderenmishandeling, toen het elders nog lang geen item was. Het Hebrew Home is gelegen in Riverdale in het noorden van The Bronx. Bewoners kijken uit over de Hudson rivier. Honderd jaar geleden is het huis begonnen met het bieden aan onderdak aan arme immigranten van joodse afkomst. Het huis breidde zich in razend tempo uit. In 1951 verhuisde het naar de huidige plek. De samenstelling van bewoners werd steeds diverser, er wonen inmiddels mensen met verschillende migratie achtergronden. Het huis biedt onderdak aan 843 inwoners die verspreid over vijf afdelingen wonen, waar lichte en zwaardere zorg geboden wordt. In de omliggende complexen wonen ouderen zelfstandig. Zij kunnen gebruik maken van de zorg en faciliteiten van het huis. In totaal wonen er 12.000 ouderen op het gehele terrein dat 34 acres (bijna 14 hectare) groot is. Ook al is het huis omringd door hekken en is er een bewaker die de toegangspoort bedient, het voelt niet als een echte ‘gated community.’

Ook uitdagend voor kinderen

Het bruist aan alle kanten. Ook in het huis. Dat komt zeker door het grote aantal activiteiten dat er plaatsvindt. Maar ook omdat het huis vol hangt met kunst, allemaal donaties. Iedere 8 tot 10 weken is er een nieuwe tentoonstelling. Er is zelfs een officieel museum gevestigd waar bezoekers uit het hele land naartoe komen. Buiten vinden concerten plaats en de nodige barbecues. Binnen zijn er drie keer per week concerten. Het Hebrew Home stimuleert contacten tussen jong en oud en heeft een uitgebreid intergenerationeel programma. Voor kleinkinderen is het ook aantrekkelijk om te komen: een miniatuur treinstation prijkt in een van de hallen. En als ze daar op uitgekeken zijn, kunnen zij naar de vissen in het aquarium kijken of naar het fluiten van de vogels in de volière luisteren. Of lekker buiten spelen, er is ruimte genoeg. En er is genoeg te zien.

Sit and be fit

Op de revalidatieafdeling zag ik een geparkeerde auto staan. ‘Voor Amerikanen is een auto heel belangrijk’, fluisterde een medewerker me toe.  Mensen die aan het revalideren zijn na een ongeval of ziekte kunnen weer leren hoe zij een auto in en uit kunnen stappen. Acht specialisten komen op bezoek zodat bewoners daar gemakkelijk een afspraak mee kunnen maken. Het huis heeft een eigen laboratorium en apotheek. Het lijkt in dat opzicht wel een mini-ziekenhuis. Indrukwekkend is het grote aantal activiteiten waar bewoners aan mee kunnen doen. Een groot team aan activiteitenbegeleiders is beschikbaar. Lezingen, cursussen, stoelyoga (‘sit and be fit’) , een Spaanse club, een goed bezochte computerruimte en een atelier.  Er is veel aandacht voor kunst, cultuur, religie, muziek, dieren, ook in de vele therapieën waar bewoners gebruik van kunnen maken.

Prachtig uitzicht

‘Zo wil ik ook wel oud worden. Dit huis is goals’, zegt mijn tienerdochter. Een bewoonster is het daarmee eens. Ze komt naar ons toe en benadrukt dat ze het heel erg naar haar zin heeft. “Het personeel is geweldig en ik heb het hier fijn. Thuis ging het gewoon niet meer. Het huis heeft terecht een hele goede naam.” Dat bevestigt een andere oude vrouw die ik twee dagen later toevallig ontmoet. Niet in het zorgcentrum, maar op een bankje in Central Park. De 87-jarige dame woont in een wolkenkrabber tegenover het park en komt met mooi weer graag even naar het park. Ze kent het Hebrew Home ook. Toch wil ze er zelf niet heen. “Ik woon midden in Manhattan, heb een prachtig uitzicht over de stad.” Even overwoog ze een verhuizing, nadat ze vorig jaar vlak voor haar flat geschept werd door een auto. ‘Ik was niet snel genoeg.’ Na maanden van revalidatie kon ze tóch weer gewoon naar huis. New York mag dan wel nooit slapen, sommige automobilisten doen dat wel…

Lees verder

Wonen

Bezoek aan het Ramses Shaffy Huis in Amsterdam

Blogger Yvonne Witter bezocht het Ramses Shaffy Huis in Amsterdam. Een bijzondere woongemeenschap voor oudere kunstenaars.

Gedeeld

op

Ramses Shaffy Huis in Amsterdam

Vorig jaar opende het Ramses Shaffy Huis de deuren in Amsterdam. Dit initiatief ontstond met behulp van zangeres Liesbeth List en oud-directeur van verschillende zorgorganisaties Ed Cools.

Het huis is volledig gericht op oudere kunstenaars. Want gelijkgestemden kunnen elkaar blijven inspireren en stimuleren. Yvonne Witter van het Aedes-ActiZ Kenniscentrum Wonen-Zorg bracht een bezoek aan dit bijzondere huis.

Hoe is het zo gekomen?

Toen Ed Cools nog directeur was van het Amsterdamse verpleeghuis Dr. Sarpahtihuis, belde zangeres Liesbeth List, destijds ambassadeur van het huis, hem op. ‘Het gaat niet goed met Ramses Shaffy. Wanneer kan hij naar jouw huis verhuizen?’, vroeg ze hem. ‘Ik zeg wel dat hij naar een mooi hotel gaat.’ Shaffy verhuisde en verbleef een tijd in het huis. List en Cools kwamen onder het genot van een glas witte wijn op het idee een woon- en werkgemeenschap te starten voor oudere kunstenaars. Ze kenden het woon- en werkcentrum voor oudere kunstenaars het Rosa Spierhuis in Laren en wilden ook zoiets maar dan in Amsterdam. Veel Amsterdamse kunstenaars willen in de stad blijven als ze ouder worden en niet ‘tussen die bomen’.

Stap voor stap gerealiseerd

Op de dag van de zorg, 12 mei 2012 werd het plan concreet. ‘Een mooie dag om de knopen door te haken en echt van start te gaan’, zegt Cools. De Amsterdamse wethouder Erik van der Burg was onmiddellijk enthousiast en de directeur van de corporatie Stadgenoot, Gerard Anderiesen eveneens. Ook vond Cools een samenwerkingspartner in de zorgorganisatie ZGAO (Zorggroep Amsterdam Oost). De plannen zijn stap voor stap gerealiseerd. Een half jaar geleden namen de eerste bewoners van het Ramses Shaffy Huis hun intrek. Een prachtig pand, Costa Rica genaamd, aan de Piet Veermankade met aan de ene kant zicht op de treinen en de andere kant op het IJ en Java-eiland bleek beschikbaar. Er zijn 12 appartementen voor 12 jonge kunstenaars onder de 27 jaar die er vijf jaar mogen wonen en 24 voor oudere kunstenaars, waarvan de jongste 58 is en de oudste ergens in de 80. Op de derde en vierde verdieping van het pand wonen ‘gewone’ huurders. In totaal zijn er 159 appartementen in het gehele pand. De ZGAO huurt een ruimte voor hun zorgsteunpunt. ‘Dat is best uniek, hoor, dat we dat doen’, zegt Dirk, wijkverpleegkundige van de ZGAO. Zes bewoners maken momenteel gebruik van thuiszorg.

Bewoners Ramses Shaffy Huis

‘We proberen de bewoners zoveel mogelijk te activeren om naar buiten te gaan. Dus naar het Bimhuis, Eye filmhuis, Pakhuis de Zwijger en naar Panama, allemaal culturele instellingen in de buurt van de woongemeenschap. ‘Maar we halen ook de buurt binnen door ruimten beschikbaar te stellen en optredens te faciliteren, vaak met gesloten beurs.’ Het bestuur probeert steeds meer klussen over te laten aan de bewoners. De bewoners maken zelf een activiteitenprogramma. Ook gaan ze aan de slag met het inrichten van de nu nog kale witte ruimten. ‘Er is al een dansoptreden geweest in het atrium bij de woningen’, vertelt Ed, ‘door oudere dansers’. Bewoners van de hoger gelegen verdiepingen staan vanaf hun galerij mee te genieten.

Kunst verbindt

Jongeren en ouderen wonen door elkaar heen. ‘Dat is fantastisch’, zegt bewoner Joep Königs die kunstenaar is en les heeft gegeven aan jongeren. ‘Ik heb veel en goed contact met de jongere bewoners.’ Jongeren die er willen wonen, moeten wel kunnen motiveren waarom ze dat willen. Het Bureau Broedplaatsen wijst de woningen voor de jongeren toe en de Stichting Ramses Shaffyhuis voor de oudere kunstenaars.

Passend toewijzen lastig

Het passend toewijzen is wel een obstakel. Woningcorporaties moeten sinds 2016 bij het toewijzen van sociale huurwoningen voldoen aan de passendheidsnorm. Dat betekent: van de woningtoewijzingen aan huishoudens met een inkomen tot en met de huurtoeslaggrens heeft minstens 95 procent een kale huur tot en met de aftoppingsgrenzen van de huurtoeslag. ‘Dat maakt het moeilijker voor ouderen toegang te krijgen tot onze woningen.’

Een natuurlijk proces

‘We hebben niets vastgelegd over het verlenen van zorg en hulp’, vertelt Joep. ‘We zien wel hoe het loopt. Niet teveel vastleggen. Het zal natuurlijk gaan. Dat merk ik nu al. Je staat elkaar bij waar nodig, met kleine hand- en spandiensten.’ Hij heeft een ruim appartement met een kamer die hij als atelier gebruikt voor zijn schilderwerk. Er zijn ook zes gemeenschappelijke ateliers maar daar maakt hij geen gebruik van. ‘Mijn doeken moet ik een tijd laten drogen. Ik wil voorkomen dat een andere kunstenaar mijn werk af gaat maken’, grapt Joep. De twee atria tussen de appartementen fungeren als expositieruimte en als bibliotheek. In de algemene ruimte, de sociëteit kunnen mensen elkaar ontmoeten. Huurders betalen 25 euro per maand voor de inrichting en programmering van de algemene ruimte. Fondsen leveren ook bijdragen. Zo heeft het fonds RCOAK de podiumvloer, belichting en geluidsinstallatie gesponsord.

Nieuwe plannen – zij zullen doorgaan

Inmiddels staan er 100 mensen op de wachtlijst. ‘Peter Faber belt regelmatig op of er al iemand dood is’, lacht Ed. Hij overweegt een nieuwe project te starten: een woongemeenschap voor oudere kunstenaars met dementie. Ook gaat hij binnenkort met de andere twee huizen voor oudere kunstenaars praten, het Rosa Spierhuis te Laren en het Ru van Rossemhuis te Tilburg. Zij hebben elkaar al regelmatig opgezocht om ervaringen en kennis uit te wisselen. ‘We kunnen van elkaar blijven leren. Want samenwonen is al een kunst op zich.’ Zij zullen doorgaan.

Meer over zorg en wonen

Het Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg (KCWZ) is hét informatiepunt voor professionals op het terrein van wonen, welzijn en zorg. Het Kenniscentrum is onderdeel van Aedes, vereniging van woningcorporaties en ActiZ, organisatie van zorgondernemers.

Lees verder

Wonen

Kinderen zijn de baas bij de zorg voor ouderen

Kinderen zijn de baas bij de zorg voor hun ouders in deze woongroepen in Duitsland. Zou dat hier ook werken?

Gedeeld

op

door

Kinderen zijn de baas bij de zorg voor ouderen

Dit gastblog is geschreven door Daniëlle Harkes, manager Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg

Kinderen zijn de baas, dat was een aantal jaar geleden de slogan van het Land van Ooit. Mijn kinderen werden er aangesproken als ‘kleine baas’ en zij hadden het tijdens het bezoek aan het pretpark vol ridders en reuzen voor het zeggen.

Maar als Monika Schneider aangeeft dat ‘de kinderen de baas zijn’ hebben we het niet over pretparken maar over de zorg voor ouderen met dementie in Keulen.

Initiatieven in Duitsland

In Nederland kennen we de ouderinitiatieven voor kinderen met een beperking of met psychische problemen. Maar in de zorg voor ouderen zijn er geen ‘kindinitiatieven’. In Duitsland zijn ze er wel; de zogenaamde ‘selbstverantwortlich organisierte Wohngemeinschaften’, ook wel de ‘Angehörigegemeinschaften’ genoemd. In Keulen zijn er zo’n 15 kleinschalige woongemeenschappen voor ouderen met dementie die gerund worden door de verwanten, vaak de kinderen, van de bewoners. Monika Schneider en haar collega’s ondersteunen de kinderen bij de organisatie van de groep, de afstemming met de zorg en de administratieve processen. Vanuit de ervaring uit de verschillende woongroepen zijn ze er scherp op dat de verwanten ook werkelijke in de lead blijven en dat de zorg, die wel 24 uur per dag aanwezig is, niet te bepalend wordt.

Woongroepen met 24 uurs zorg

‘Die Plegedienst muss klingeln’ zegt ook Brigitta Neumann. Zij was als dochter betrokken bij een vergelijkbaar project in Potsdam (in de buurt van Berlijn) en is bezig om samen met verwanten een tweede woongroep te realiseren. Als het belangrijkste principe van het ‘Selbstbestimmtes Wohnen für Menschen mit Demenz’ noemt zijn het uitgaan van het gewone leven. Zorg is daar een stukje van maar moet niet haar stempel drukken op hoe er Kerst gevierd wordt, wie er in de keuken aan de slag mag, hoe de inkopen gedaan worden. De bewoners wonen in hun eigen omgeving, de zorg is gast in de woongroep en moet dus, bij wijze van spreken, aanbellen. In de praktijk is er wel het klokje rond zorg aanwezig maar het blijft in de terminologie van onze oosterburen ‘ambulante Plege’. Brigitta schreef een handboek over het opzetten en runnen van zo’n woongemeenschap: Praxishandbuch ‘Es selbst in die Hand nehmen’.

Kinderen zijn de baas

In Nederland zoeken we naar mogelijkheden om de familie en het netwerk van de bewoner meer te betrekken bij de zorg in het verpleeghuis. Er zijn zorgorganisaties die de inzet van familie vastleggen in een minimum aantal uren per week. In de Duitse voorbeelden stellen de verwanten zélf die vraag aan elkaar. Ze regelen samen hoe vaak ze aanwezig zijn en wie welke taken op zich neemt. Want als kinderen de baas zijn, ligt de verantwoordelijkheid over het reilen en zeilen van de woongroep ook bij hen. Daarbij maken ze gebruik van ondersteuning door het bureau van Monika Schneider en zetten ze professionele zorg in maar de eindverantwoordelijkheid ligt bij hen.

Wie durft?

Of dit ook in Nederland een werkzame vorm is? Ik vind het een onderzoek waard. Wat gebeurt er als de kinderen werkelijk de baas zijn? Met het Land van Ooit is het niet zo goed afgelopen, dat ging failliet. Maar dat lag niet aan de kleine bazen. Dus welke kinderen of verwanten pakken de handschoen op? Ik weet zeker dat er zorgorganisaties en woningcorporaties zijn die mee willen werken aan deze innovatieve woonzorgvorm voor mensen met dementie.

Meer over zorg en wonen

Het Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg (KCWZ) is hét informatiepunt voor professionals op het terrein van wonen, welzijn en zorg. Het Kenniscentrum is onderdeel van Aedes, vereniging van woningcorporaties en ActiZ, organisatie van zorgondernemers.

Gerelateerde berichten

Lees verder

Meest gelezen