Volg ons online

Nieuws

Oud worden in Japan

In Japan hebben ze te kampen met dezelfde problemen als hier. Oud worden in Japan is namelijk niet veel anders dan in Nederland.

Gedeeld

op

Oud worden in Japan

Japan is het meest vergrijsde land van de wereld. Daar kennen ze dus veel van dezelfde problemen als hier in Nederland. NED7 expert Yvonne Witter, van Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg, ging tijdens haar vakantie, in dit bijzondere land, op bezoek bij het Dream Lake Village, een dagopvangcentrum voor ouderen in Tokyo.

In Japan proberen ze ouderen zo lang mogelijk vitaal en zelfredzaam te houden en in Dream Lake Village stimuleren ze dat door ouderen punten te laten verdienen als ze zich inspannen. Alles om activiteit bij ouderen te stimuleren.

Punten verdienen voor koffie

Dagelijks kunnen ouderen in Tokyo naar Dream Lake Village komen, waar zij kunnen kiezen uit een groot aantal verschillende activiteiten. Van zingen tot brood bakken en van hout bewerken tot films kijken of sporten. In Dream Lake Village is er veel keus. Maar dat is nog niet alles. Door het hele gebouw heen staan overal beweegspelletjes, denkspelletjes en heel veel andere continue uitdagingen, waar ouderen makkelijk aan deel kunnen nemen. Hoe meer zij van dit soort spelletjes doen, hoe meer ‘Yume’ ze kunnen verdienen. Yume is een soort monopoly-geld. En dit ‘geld’ kunnen ze weer inwisselen voor lunch, koffie of snacks. Ook is er een winkeltje waar ze dit geld kunnen gebruiken én zelfs een casino!

Het uitgangspunt van deze activiteiten: ‘Use it or lose it’, ofwel: zo lang mogelijk je eigen functies blijven gebruiken, anders verlies je ze heel snel. Iets wat ze in de woonvoorzieningen van Humanitas in Rotterdam ook al volledig hebben omarmd. En om dit nog verder door te trekken is het ook de bedoeling dat iedereen zelf alles doet. Zo moeten de ouderen zelf hun eetstokjes en bordje afwassen als ze hebben geluncht, of hun koffie inschenken als zij dat willen. En elkaar helpen hoort daar ook bij.

Oud worden met een gezond brein

In Dream Lake Village is ook een ruimte gemaakt waar ouderen met hulp van een ergotherapeut oefeningen kunnen doen die hun helpen zich thuis beter te redden. In een nagebouwde badkamer kunnen ouderen bijvoorbeeld oefenen hoe zij zich thuis zelf kunnen douchen. En neem je de trap in plaats van een lift, dan verdien je ook direct weer wat Yume. Iedere dag bezoeken zo’n 75 ouderen het opvangcentrum, terwijl ze goed in de gaten worden gehouden door het personeel. Het is een levendige plek waar veel gebeurt. Zo speelt een oude dame piano, terwijl een oude heer op een toestel wat oefeningen doet en weer ergens anders is iemand anders vol trots zijn zelfgemaakte houten kunstwerk aan het tonen. Een omgeving die inspireert. Dat blijkt ook uit de zaal waar buurtbewoners een spel spelen. Want ook zij zijn welkom in het opvangcentrum.

Vraag is groter dan het aanbod

Ik word door de oprichter, de heer Fujiwara, enthousiast rondgeleid. In Japan zijn 8 van dit soort opvangcentra, maar de vraag is vele malen groter dan het aanbod. Ook in Taiwan en Zuid-Korea openen binnenkort soortgelijke huizen. Boven de dagopvang is er ook nog een ruimte voor respijtzorg. Hier kunnen zo’n 20 ouderen 3 dagen verblijven terwijl hun echtgenoten of familie even een adempauze nemen. Maar net als hier in Nederland zijn er in Japan ook grote discussies gaande over de betaalbaarheid van hun zorg. Mieko Hinokidani is professor aan de Kyoto Prefectural Universiteit. Zij vertelt mij dat er door de overheid in Japan, net als in Nederland, gekeken wordt naar het stimuleren van allerlei gemeenschappelijke woonvormen. In Kyoto laat zij mij een pas gerenoveerd wooncomplex zien, waar jong en oud met elkaar wonen en waar ook een dagopvang bij is gebouwd. Ook in Japan zijn deze woonvormen hard nodig om de snel groeiende groep ouderen te kunnen huisvesten.

Het land van de techniek

Japan is natuurlijk hét land van technische snufjes, robotica en andere slimmigheden. Dus dacht ik dat dit nieuw gebouwde wooncomplex vol zou zitten met dergelijke techniek. Toch blijkt dit niet het geval. Mieko Hinokidani vertelt dat er vooral gekeken is om de interactie tussen bewoners en bezoekers te stimuleren. Japan experimenteert heel veel met robotzorg, maar ziet ook dat het belangrijk is dat mensen onderling contact hebben. Wel is er in het gebouw rekening gehouden met de leeftijd van de bewoners en zijn de faciliteiten daarop aangepast. Maar er is vooral ook gekeken naar een zo gevarieerd mogelijke samenstelling van de bewoners, om interactie te stimuleren. Ondanks alle veranderingen in de Japanse maatschappij vertelt Hinokidani dat het toch nog steeds in de genen van de Japanners zit om voor elkaar en vooral voor de ouderen te zorgen en naar elkaar om te kijken.

Dream Lake Village in Japan

Weetjes over Japan

  • Er zijn 58.820 Japanners die 100 jaar of ouder zijn.
  • Japanse mannen worden gemiddeld 80 jaar, terwijl Japanse vrouwen gemiddeld 86 jaar worden. De gemiddelde levensverwachting in Japan is dus 83 jaar.
  • Japan kent in de nabije toekomst zo’n 30 miljoen Japanners van 65 jaar en ouder.
  • In 2060 is 40% van de Japanse bevolking ouder dan 65 jaar en 29% ouder dan 80 jaar.
  • De Japanse bevolking gaat drastisch krimpen. Nu zijn er nog 127 miljoen Japanners, terwijl dat er zo’n 87 miljoen zullen zijn in 2060.

Yvonne Witter is adviseur bij het Aedes Actiz en weet alles over woonvormen voor ouderen.

Advertentie

Nieuws

Meeleven met de gang van zaken in de wereld

Mevrouw Ter Steege wordt dit jaar 103. Geboren in Batavia en uiteindelijk naar Nederland gekomen. Haar geheim? Meeleven met de gang van zaken van de wereld. Altijd op de hoogte blijven en meedoen.

Gedeeld

op

door

Gang van zaken in de wereld

‘Net als koning Willem-Alexander ben ik geboren op 27 april. Maar, ik was eerder. Ik ben geboren in 1915 in Batavia, in Indië. Dat is nu Jakarta. Ik ben met mijn vier zussen en broer opgegroeid in Batavia. Mijn ouders waren volbloed Nederlands. Ik trouwde met een man die ook Nederlands was en ook een groot deel van zijn hele leven in Indië heeft gewoond. Al heeft hij zijn middelbare school en studie Pharmacie in Nederland gedaan.

We kregen drie kinderen, twee dochters en een zoon. Mijn man werkte voor het Koninklijk Nederlands-Indische leger als apotheker. Elke zes jaar gingen we – als we verlof hadden – naar Nederland. De reis naar Nederland duurde vier weken. Dat had zeker zijn charmes, vier weken heen, zes maanden verlof en vier weken terug.’

Soevereiniteitsoverdracht

‘De laatste keer, in 1949, liep het verlof anders. Het werd een verlof dat voorgoed zou duren. We kwamen in Nederland omdat de zussen van mijn man die in Curaçao leefden ook in Nederland zouden zijn. Eindelijk zouden we elkaar, na 13 jaar, weer zien. Maar we mochten na het verlof niet meer terugkeren. In de tussentijd was namelijk de soevereiniteitsoverdracht getekend. We waren niet meer welkom. Dat was erg moeilijk. We waren er opgegroeid en voelden er thuis! Ook hebben we het nodige meegemaakt in Indië gedurende de oorlog. Het kamp overleeft. En dan waren we niet meer welkom. Dat kwam hard aan.’

Allesbehalve gastvrij

‘De ontvangst in Nederland was allesbehalve gastvrij. We werden opgevangen in wat nu het Singer Museum in Laren is. Het was onvoorstelbaar koud. We woonden met het gezin in één grote, hoge atelier op het noorden.’ Haar man kon aan de slag bij de landmacht. In 1950 verhuisden we naar Amsterdam, naar een dienstwoning. ‘Het sneeuwde toen we verhuisden. Ook de woning in Amsterdam bleek moeilijk te verwarmen. Door de weeks ging het nog omdat de woning boven kantoren lag, boven het rijksmagazijn. In het weekend waren de kantoorruimten leeg en werd er niet gestookt. De keuken was de beste plek. Daar was  het nog enigszins warm omdat daar werd gekookt. Mijn man ging in 1953 met pensioen. Uiteindelijk is het gezin naar Bussum verhuist. We waren zo blij dat we nu een woning hadden die we echt zelf hebben uitgezocht.’ Ze is heel wat keren verhuisd in haar leven. Ook in Indië is ze vaak verhuisd als haar man werd overgeplaatst.

Mooie momenten

Haar man kon niet stil zitten. Snel had hij werk gevonden in een laboratorium waar dierenproeven werden gedaan. Hij nam een ratje mee naar huis. ‘Dat werd een echte huisvriend.’ Hij heeft daar 12 jaar gewerkt en ging toen opnieuw met pensioen. Niet lang daarna meldde haar man zich aan bij ‘Dienst over grenzen’ en werd hij uitgezonden naar Perzië, het huidige Iran.  Daar kon hij aan de slag bij een Amerikaans zendingshospitaal. Hij sorteerde Amerikaanse medicijnen. ‘Mijn opleiding tot apotheker assistente kwam goed van pas. Ik hielp hem met het werk.’ De moslimcultuur kwam haar niet onbekend voor. ‘We hebben er mooie momenten beleefd.’ Ik vraag haar of ze het niet moeilijk vond om zich opnieuw aan te passen. ‘Ik deed het omdat mijn man daarheen ging.’ Na een stilte voegt ze toe en kijkt met een serieuze blik aan: ‘Ik heb het wel geleerd om me aan te passen.’

Noodlottig ongeluk

‘Mijn zoon Frans is in 1964 op 17-jarige leeftijd door een noodlottig auto-ongeluk is omgekomen. Behalve dochter Riet zat het hele gezin in de auto. ‘Ik was als enige op de begrafenis van mijn broer’, vertelt Riet. ‘De anderen lagen nog in het ziekenhuis.’ Mevrouw Tersteege vertelt dat haar man eigenlijk niet bij haar op de kamer mocht slapen maar zoveel stennis heeft geschopt dat het wel mocht. Deze tragische gebeurtenis heeft veel impact op het gezin. ‘De kracht van God heeft me in moeilijke tijden geholpen.’

Gang van zaken in de wereld

‘Haar man overleed toen hij 76 was. Ik had nooit gedacht dat ik zelf de 100 zou halen. Want die tropenjaren tellen dubbel.’ Sinds 2008 woont ze in het verzorgingshuis in Bussum. Als ik aanstip dat veel verzorgingshuizen een transformatie ondergaan, antwoordt ze: ‘We mogen hier gelukkig gewoon blijven wonen.’ De agenda van mevrouw Tersteege is goed gevuld. ‘Ik probeer zoveel mogelijk met de activiteiten die hier zijn mee te doen. Wandelen op maandag, iedere ochtend koffieochtenden, dinsdag schilder ik met het creatieve clubje en ik ga wekelijks naar de kerkdienst.’ Haar dochters komen regelmatig op bezoek. Ze heeft twee kleinzoons maar die wonen niet in de buurt. ‘Eentje woont zelfs in Ierland.’ Ze leest iedere dag de krant. ‘Ik probeer mee te leven met de gang van zaken in de wereld. Ik probeer altijd de goede dingen op te zoeken die er ook nog zijn in het leven.’

Meer weten?

Wil je meer weten over de Vastenactie van dit jaar? Bezoek dan de website van de actie of de aparte website van de 40-dagen challenge.

Lees verder

Nieuws

Gewóón doorzetten als het moeilijk is

Gewoon doorzetten als het moeilijk is. Dat is het motto van mevrouw Verhoef die inmiddels 104 jaar oud is. Blogger Yvonne Witter interviewde haar over het leven én de toekomst.

Gedeeld

op

Gewoon doorgaan mevrouw Verhoef
Foto: Claudia Kamergorodski

‘U komt toch via dat onderzoek van de Vrije Universiteit? Daar heb ik 18,5 jaar gewerkt, op personeelszaken. Ik heb het fantastisch naar mijn zin gehad op de VU. Ik heb daar gewerkt tot aan mijn pensioen. Toen moest ik weg maar ik was het liefste blijven werken. Ik heb nog steeds contact met een docente Engels.

Toen de VU werd gebouwd moesten heel wat boerderijen weg. Ook die van ons. Dit vanwege de wijk Buitenveldert, waaronder de VU. De polder is met zand opgespoten te beginnen bij ’t Kalfje. Het VU terrein is aangereden met zand door vrachtwagens. De bouw daarvan kon daardoor al in 1955 beginnen. Wij zijn in oktober 1957 naar de Postjeskade verhuisd. Ik woonde met mijn man heerlijk op de boerderij. Negentien jaar lang.

Gewoon doorzetten

‘Daarna zijn we verhuisd. We moesten wel. Na mijn trouwen moest ik stoppen met werken maar na een tijd ben ik weer gaan werken. Op een accountantskantoor op het Weesperplein maar daarna weer op de VU. Mijn man was boer maar toen de boerderij verdween stopte zijn werk. Hij heeft geen ander werk kunnen vinden. Wat moet een boer beginnen? Hij is altijd boer gebleven maar kon er niets meer mee. Zelfs in ons huis op de Postjeskade hield hij zijn klompen aan. Totdat de buren begonnen te mopperen. Mijn man is 76 jaar geworden.

Razzia tijdens de oorlog

‘Die boerderij heeft ons goed geholpen in de oorlog. We hadden namelijk alles. Kippen, koeien, varkens. We maakten zelf boter en kaas. En we ruilden veel. Ze kwamen van ver om melk bij ons te halen. We gaven wat we hadden. En dan kregen wij textiel of iets anders ervoor terug. Toch ben ik ook bang geweest gedurende de oorlog. Zo kwamen zes Duisters tijdens de razzia binnen. Mijn neef uit Arnhem was er en nog een man. Zij zijn snel onder het luik in het washok gekropen. Mijn man heeft hen aan de praat gehouden. We hadden veel koper in de hooischuur. Mijn man heeft hen met boter en kaas de deur uit gewerkt.

Schoondochter doet de was

‘Ik ben een echte Amsterdamse. Ik ben nu 104 jaar oud. Ik heb 1 zoon, twee kleinkinderen en vier achterkleinkinderen. Ik heb ook een tweeling gekregen maar zij hebben maar 3 weken geleefd. Ze lagen in het Emmakinderziekenhuis. Ik ben er toen maar 1 keer geweest. Toen ik daar kwam, lagen er een heleboel te vroeg geboren baby’s. De dokter wees hen aan: die en die zijn het. ‘Niet levensvatbaar’, werd er tegen me gezegd. Ze heetten Simon en Margje. Ik denk er nog wel regelmatig aan. Maar het scherpe is er natuurlijk wel vanaf. Mijn zoon Kees komt iedere week langs. Dan eet hij mee. En mijn ex-schoondochter doet de was. Dat is erg fijn. Ze helpen me goed. Door mijn (achter)kleinkinderen, zoon en ex-schoondochter vind ik het leuk om zo oud te worden. ‘Ik ging altijd op de fiets naar mijn werk. Door weer en wind. Al sneeuwde het. Ik ging gewoon fietsen. Ik heb tot mijn 88e gefietst. Vroeger kwam zelfs de dokter op de fiets langs!

Vervelend mannetje die Trump

‘Wat ik tegen de jongeren zou willen zeggen? Doe wat! Gewóón doorzetten als het moeilijk is. En ga niet roken en drinken. Of ik vooruitgang heb gezien in de afgelopen 100 jaar? Nou, eigenlijk niet. Alles zakt af. Ik vind Trump een heel vervelende vent. Maar ik lees geen krant meer. Wel kijk ik televisie. Tot laat. Ik ga erg laat naar bed. Ik vond het reuze gezellig dat je er was! Zie ik je nog eens?’

Meer weten?

Wil je meer weten over de Vastenactie van dit jaar? Bezoek dan de website van de actie of de aparte website van de 40-dagen challenge.

Lees verder

Nieuws

Heb je geen zin? Dan moet je zin maken!

Gewoon zin maken, dat is wat mevrouw Bok van 101 altijd van haar vader heeft geleerd. Ze is al een eeuw oud, maar nog vol levenslust. Een computer? Welnee, wat heb je er aan? Geef mij maar een naaimachine!

Gedeeld

op

Zin maken

‘Mijn dochter vroeg: “Moeder, wil je een computer?”. “Nee, zei ik, geef mij maar een naaimachine. Daar heb ik meer aan.” Ik heb nog goede ogen namelijk. Waar heb ik een computer voor nodig? Als ik iemand wil spreken, dan bel ik degene gewoon op. Ik stuur nog altijd verjaardagskaarten. Ook naar mijn kleinkinderen. Om ze flink te plagen. Want ze weten niet hoe ze me moeten bedanken.

‘Schrijven doen ze namelijk niet. Dat kunnen ze tegenwoordig niet meer. En ik heb geen mobieltje en geen computer. Ik vind het heel armoedig, hoor, hoe de jongeren communiceren. Ze práten niet echt met elkaar. Maar ach, het is een golfbeweging. Het echte communiceren komt wel weer terug. Ik merk momenteel wel een kloof tussen de generaties want jongeren krijgen de digitale wereld van jongs af aan mee. De ouderen niet en zij lopen dan het risico uitgesloten te worden. Dat vind ik wel zorgelijk.’

Verpleegkundige van beroep

‘Ik ben in 1917 geboren, heb nog drie broers waarvan één dementie heeft. Ik ben verpleegkundige van beroep. Totdat ik trouwde heb ik gewerkt in een ziekenhuis. Daarna was ik thuis voor de kinderen en heb ik gezorgd dat alles op rolletjes liep. Mijn man was directeur van een ziekenhuis en was veel weg, dus stond ik er alleen voor. Mijn opleiding is alleen nog van pas gekomen bij het zorgen voor mijn man. Hij heeft in de oorlog TB gehad en later Alzheimer. Zeven jaar lang heb ik voor hem gezorgd. Mensen met Alzheimer zijn onberekenbaar. Dankzij mijn opleiding en werkervaring wist ik hoe ik daarmee moest omgaan. Ik had er begrip voor. Je moet er goed op inspelen.’

Mantelzorger

‘Toen hij overleed overtuigde mijn dochter mij dichterbij haar te komen wonen. Zij is nu mijn mantelzorger. Ik woon hier in deze serviceflat erg prettig. Alles is hier: een bibliotheek, een kapper, een winkeltje. Maar soms heb je wel eens wat andere dingen nodig en ga ik met mijn dochter winkelen. Ik ga niet meer buiten het terrein zonder begeleiding, dus ga ik met mijn dochter. Ik heb in totaal drie kinderen, kleinkinderen en zelfs een paar achterkleinkinderen. Maar die wonen ver weg.’

Zin maken!

‘Ik heb de genen van mijn vader. Die is ook heel oud geworden. Mijn hoofd wil meer dan mijn lijf. Dat moet ik gewoon accepteren. En weet je wat mij helpt? Zin maken! Dat zei mijn moeder altijd: heb je geen zin? Dan moet je zin maken! Weet je waar ik altijd zin in heb? In muziek, piano spelen en naar concerten gaan. Muziek is heel belangrijk voor mij. Ik heb jaren in een zangkoor gezeten. Jammer dat de jeugd de oude muziek niet waardeert. Ook vind ik dat jongeren meer naar het museum moeten gaan. Je krijgt een betere kijk op de wereld door al die uitjes. En musea doen tegenwoordig zo hun best het aantrekkelijk te maken voor alle leeftijden. Kijk, ik heb veel beeldjes en kunst in huis. Hoe vind je dit beeldje? Een tijdelijk vergezicht, heet het. Mooi, he? En er staat nog 100 bij ook! Ik verheug me erop  om binnenkort naar een tentoonstelling in het Rijksmuseum voor Oudheden te gaan. Daar kijk ik echt naar uit.’

Meer weten?

Wil je meer weten over de Vastenactie van dit jaar? Bezoek dan de website van de actie of de aparte website van de 40-dagen challenge.

Lees verder

Meest gelezen