Volg ons online

Nieuws

Mijn kop, mijn kop is stuk

“Mijn kop is stuk” zegt de vrouw waar Thomas Puvill een gesprek mee heeft. Hij vraagt zich af of zij “gered” moet worden van zichzelf.

Gedeeld

op

Mijn kop is stuk

“U zal aan mijn accent horen dat ik geen Nederlandse ben. Ik heb over de hele wereld gewoond. Toen mijn man overleed woonden we hier, op nummer 14.” “Hoe lang geleden is hij overleden?” Ze dacht er geen seconde over na. “U moet niet van die moeilijke vragen stellen. Nu zit ik letterlijk achter de geraniums. En figuurlijk.”

Ze draaide glimlachend naar de keuken. “Thee?” Op tafel lag een kruiswoordpuzzel en een tablet, met een onafgemaakt spel Solitaire. “Kijkt u eens.” Ze hield me een verpakking voor, Russian Earl Grey. “Russische thee?”

Ik krijg morgen een hond

Ze wees naar de hondenmand. “Ik krijg morgen een hond te logeren. Zelf had ik een hond, maar die is een paar jaar geleden overleden – nee, deze zomer.” Ze dacht er even over na. “Eerst ging de bovenbuurvrouw, toen mijn broer, toen een vriendin, toen Lady.” Ze schrok op uit haar gedachten. “Het theewater verdampt. Mijn kop is stuk.” Ze schudde haar hoofd. “Zelf wil ik geen hond meer. Ze zou me overleven. Dat kun je een hond niet aandoen…” Ze keerde haar rug naar me toe en liep richting de keuken. “… Alleen achterblijven.” Even hield ze stil. “Lady moest zo piepen als je haar alleen achterliet. Alleen in de auto wilde ze wachten, want dan wist ze dat je terug zou komen. Tegenwoordig staat die maar te verpieteren in de garage, de wagen.” Ze maakte een beweging alsof ze de auto wilde aaien.

Mijn kop is tuk

“Lady sliep altijd aan mijn voeteneinde. Af en toe kwam ze dan even kijken of ik nog leefde… Thee! U krijgt geen thee. Mijn kop, mijn kop is stuk.” Uiteindelijk kwam ze toch terug met de theepot. Ze zakte wat onhandig door haar knieën om twee stomende kopjes in te schenken. Ze keek graag natuurfilms op tv, het liefst van verre landen. Ze had de wereld rondgereisd, nu paste haar reilen en zeilen in één kamer. Het ontbrak haar niet aan de conditie om weer te gaan reizen, noch aan geld. Haar kinderen, die net als zij de hele wereld over waren geëmigreerd, zouden haar kunnen ontvangen. “Mijn leven is goed zo. Ik mag niet klagen. En” – ik wist al wat ze ging zeggen – “mijn kop is stuk.” Het was tijd voor mij om te gaan.

Ik verdoe je tijd

“Arme jongen, ik verdoe je tijd met al deze verhalen.” Ik weersprak het, we hadden fijn gesproken. “U moet ook eens bij de buurvrouw langs. Zij heeft heel interessante verhalen.” Ze zocht tussen haar aantekeningen hoe die buurvrouw ook alweer heette. “Interessanter dan de mijne.” Ik bedankte haar voor de tip, het gesprek, de thee. “Misschien kom ik u nog eens tegen,” zwaaide ze vanuit de deuropening.

Moet iemand haar redden?

In bijna iedere zin had ze me het gevoel gegeven dat ze mijn hulp wilde, misschien zelfs zonder het zelf te weten. Naar huis fietsend, werd ik geplaagd door een vraag. Het was misschien dezelfde vraag waar haar kinderen, de wijkverpleegkundige of de buurvrouw mee worstelden: moest ik, moest iemand haar redden?

Een puber gezelschap houden

Aan de ene kant: als een veertienjarige eenzaam is, vinden we dit bij het leven horen. Je zou in ieder geval geen vrijwilliger langs sturen om deze puber gezelschap te houden, hoogstens zou je hem of haar wat sociale vaardigheden willen bijbrengen. Wat maakt ouderen dan zoveel anders? Ook moet ik bij sociale contacten met vrijwilligers altijd denken aan de woorden van een vriend, die stelde dat je pas écht voelt dat je bestaat, als je oprechte interesse kunt opwekken in andere mensen. Als je vrijwilligers nodig hebt voor je sociale contacten, kan dat dan niet juist het gevoel geven dat je niet de moeite waard bent? Aan de andere kant durf ik te stellen dat deze dame geen eigen relaties meer aan kon gaan. De apathie was te diepgeworteld. Haar vermogen om zelf nog in beweging te komen, was misschien in zekere zin echt ‘stuk’.

Moet de wijnkelder leeg?

Weinig bevredigend erken ik dat ik zelf nog niet oud ben geweest. Uiteindelijk kan ik voor een ander nooit invullen aan welke voorwaarden een goede oude dag moet voldoen. Moet die wijnkelder per se leeg? Moet de huiskamer per se vol? Wat voor mij een onacceptabel bestaan lijkt, is voor haar misschien de epiloog van een rijk leven. Achter de deur van nummer 14 worden nog wat laatste gedachten uitgesproken, om zo het verhaal af te sluiten. En wie anders kan beslissen wanneer de epiloog begint, dan de auteur zelf?

meer informatie

NED7 is dé community voor 50-plussers die bewijzen dat ouder worden alles behalve vervelend is.

Lees verder
Advertentie

Nieuws

Alleen op de wereld en zonder familie

Het gevoel van alleen op de wereld zijn. Blogger Alice Bunt vertelt hoe erg zij haar overleden vader, moeder en zuster mist.

Gedeeld

op

Alleen op de wereld
Foto: Alice Bunt

Langzaam, heel langzaam maakt het gevoel van opluchting na de dood van mijn vader plaats voor intens gemis. De herinneringen aan de oude, blinde man, alleen in z’n kamer op de gesloten afdeling van een verzorgingshuis, dementerend, verward, maakt plaats voor de herinnering aan mijn vader zoals hij écht was: vrolijk, charmant, recht door zee en ervan overtuigd dat regels er waren om overtreden te worden.

Onconventioneel was hij, kritisch, hij stelde vragen bij schijnbaar vaststaande feiten. Hij liet zich niet veel zeggen die schitterende vader van me. Hij ging zijn eigen gang, koos z’n eigen weg en accepteerde de gevolgen.

Sterven is zwaar

Nu is hij overleden. Afgelopen december was zijn uitvaart. Een mooie uitvaart; sober, ingetogen. En ik was blij dat hij rust gevonden had, dat er een einde was gekomen aan dat laatste, moeilijke jaar van zijn leven. “Sterven is zwaar.” Nog hoor ik het hem zeggen: “Sterven is zwaar.” Aan zijn hele lichaam kon je zien dat het een zware strijd geweest was. Helemaal uitgeteerd lag hij daar in z’n bed. Niets was er van hem over, nog van zijn lichaam, nog van zijn geest. Tijdens zijn laatste levensjaar heb ik hem gefotografeerd, heb ik geprobeerd mijn liefde voor hem vast te leggen, voor deze oude man, voor mijn vader van wie ik ontzettend veel hield. En vlak na zijn dood ben ik blijven fotograferen: mijn vader in zijn bed, net overleden; het afleggen van mijn vader; mijn vader in zijn kist. Zonder emoties legde ik alles vast, zonder tranen.

Een bio-urn met mijn vader

Ik zit op een opstapje in een beschut, verwilderd plaatsje in mijn tuin. Weer ben ik aan het fotograferen. Na de crematie is mijn vader bij mij gekomen, in een  bio-urn. De urn is begraven in mijn tuin, op dit plekje, omgeven door struiken. Zelfs nu, in het najaar hoor ik een roodborstje zachtjes zingen. Bij het graf staat een beeldje gemaakt door een van de vele vriendinnen van mijn moeder. Een zittend meisje, ingetogen kijkt ze in de verte. Zoals ze daar zit, bij de urn van mijn vader doet ze me denken aan mijn overleden zusje. Ze kijkt naar de plaats waar mijn vaders urn begraven is. Het lijkt alsof ze, net als ik, wacht op de gouden esdoorn die ik op de urn gezaaid heb.

Alleen op de wereld in mijn achtertuin

In het kleine stukje wildernis heb ik een magnoliatak geplant. In het voorjaar was de tak in een vaas uit gaan lopen en had wortels gekregen. De Magnolia was de lievelingsbloem van mijn moeder. Na haar dood hebben we de buurt afgezocht naar bloeiende takken en gevraagd of we een tak mochten hebben voor op haar kist. En zo zijn we weer samen, wij vieren, ieder in een andere vorm. Ik als enige die nog leeft. Ik begin te huilen. In de eerste plaats om mijn overleden vader. Nu pas besef ik dat ik hem nooit meer zal zien, zal kunnen kussen, zijn en mijn tranen zal voelen als we elkaar weer zagen. Maar ook om mijn lang geleden overleden moeder en zusje. Beide moe van dit leven. Ondanks al het verdriet zijn het ook tranen van blijdschap omdat ik het gevoel heb dat we toch weer samen zijn, hier, in het nu, in dit kleine stukje verwilderde tuin.

Lees verder

Nieuws

Burgemeester Eberhard van der Laan overleden

Burgemeester Eberhard van der Laan is 5 oktober overleden aan de gevolgen van longkanker. Zijn stad maar ook Nederland rouwt om het verlies.

Gedeeld

op

door

Burgemeester Eberhard van der Laan
Foto: Gemeente Amsterdam

Burgemeester Eberhard van der Laan van Amsterdam is gisteravond op 62-jarige leeftijd overleden. Hij overleed aan de gevolgen van longkanker en laat vrouw en vijf kinderen achter. De stad is inmiddels in rouw gedompeld om het verlies van haar zo enorm geliefde burgemeester.

Eberhard Edzard van der Laan werd in 1955 geboren in Leiden. Hij studeerde rechten aan de Vrije Universiteit van Amsterdam, waar hij later in 1992 ook het bekende advocatenkantoor Kennedy van der Laan oprichtte.

Zijn stad Amsterdam

Hij zei z’n advocatenkantoor vaarwel toen hij Minister voor Wonen, Werken en Integratie kon worden. Maar daarvoor zat hij al van 1990 tot 1998 in de gemeenteraad van Amsterdam. Van der Laan was dus in hart en nieren een betrokken en bewogen politicus. Iemand met het hart op de goede plek en een verregaande bevlogenheid als het ging om zijn stad Amsterdam. De stad waar hij zielsveel van hield.

Betrokken en daadkrachtig

Onlangs bleek nogmaals hoe zielsveel de stad ook van haar burgemeester hield, toen massaal gehoor werd gegeven aan de oproep om van der Laan te trakteren op een applaus van enkele minuten. Zijn persoonlijkheid, betrokkenheid en eindeloze daadkracht lag goed bij de Amsterdammers. Voorbeelden van zijn daadkracht waren projecten als de inmiddels bekende Top600, zijn aanpak van gewelddadige veelplegers én de Treiteraanpak in de buurt.

Burgemeester Eberhard van der Laan overleden

Wil je ook het online condoleanceregister voor de burgemeester tekenen? Laat dan hier een bericht van medeleven achter. Na de begrafenis zullen alle reacties worden overhandigd aan de familie.

Lees verder

Nieuws

Herfst in Nederland, wat ben je toch mooi!

Herfst in Nederland, blogger Alice Bunt beschrijft haar liefde voor deze periode terwijl ze een wandeling maakt met haar hond Bika.

Gedeeld

op

Herfst in Nederland

Het is ’s morgens vroeg. Ik wandel met mijn hond Bika in een van de vele bossen die Almere rijk is. Bij de aanleg van Flevoland is overal over nagedacht en nog voordat er land was en er alleen nog maar water, waren de polders al ontworpen op de tekentafels.

Toch zijn er ook spontaan ontstane bossen zoals het Wigenbos in Almere. Het bos doet denken aan een oerwoud: rond een voormalig zandwinplas  kwamen de schietwilgen spontaan op en zij bepalen nu het bosbeeld.

Rechtop in de wind

Maar de meeste bossen in Almere zijn aangelegd zoals het Vaartsluisbos. De bomen staan kaarsrecht in het gelid. Lange, rechte rijen verschillende populierensoorten bepalen het bosbeeld. Regelmatig worden bomen vervangen door jonge bomen omdat de oude bomen van soms wel 35 meter hoog de stormen niet meer overleven. De toppen van de populieren breken af en zijtakken vallen met veel geweld naar beneden. Zo ontstaan er lege plekken in het bos waar de stormen vrij vat op hebben.

Bankje

Foto: Alice Bunt

Zingende bomen

Maar nu is het windstil, geen zuchtje wind, alleen maar stilte. Ik heb nog geen zin om naar huis te gaan en zoek een bankje. Daar, onder de populieren kom ik tot rust. De populier is mijn lievelingsboom. Ik houdt van de geur van de balsempopulier in het voorjaar. En in het najaar verspreiden de stervende bladeren ook een heerlijke geur. Maar de populier is vooral mijn lievelingsboom omdat hij kan praten. Bij het minste zuchtje wind begint de boom te zingen: een zachte samenzang tussen de wind en de hartvormige bladeren van de boom. Zachtjes vertellen ze een verhaal, mijn verhaal. Ze vertellen over angst, verlies en eenzaamheid. Maar ook schrijven ze samen een gedicht, zachtjes uitgesproken, over liefde, over verlangen, over vriendschap. Maar nu, als ik naar mijn hond kijk die vrolijk rondspringt in het gras vertellen de wind en de bladeren een heel ander verhaal, het verhaal van weidsheid en van vrijheid, het verhaal van Flevoland. Nu bezingen zij het hier en nu, lezen ze samen het gedicht over dit moment waarin nog zoveel te genieten valt.

Hond Bika

Foto: Alice Bunt

Herfst in Nederland

Als ik naar de zacht bewegende bladeren van de ratelaar kijk zie ik opeens kleine vogels, meesjes, die tussen de bladeren heen vliegen en plotseling  lijken te verdwijnen tussen het grijs van de onderkant van de bladeren. Ze vliegen van tak naar tak en lijken zich bewust van de beschutting die de bewegende bladeren van de populier hen geeft. Het is alsof de vogels extra genieten van deze vroege nazomer, nog voordat het komende najaar en winter met hun kou en stormen komen die het leven voor hen een stuk moeilijker gaan maken.

Opeens begin ik te rillen, het is te koud om nog langer op het bankje te blijven zitten. Samen met Bika loop ik terug naar huis, terug naar het gewone leven, naar het kunstproject Full Colour dat Hein Walter en ik aan het opzetten zijn voor mensen met een psychiatrische achtergrond. En na zo’n ochtend als deze ben ik weer vol goede moed en weet ik het heel zeker: het project wordt een groot succes!

Lees verder

Meest gelezen