Volg ons online

Nieuws

Bipolaire stoornis, ik leef ermee

Bipolaire stoornis, blogger en fotografe Alice Bunt leeft ermee. Ze legt uit waarom een vaste behandelaar voor haar zo belangrijk is.

Gedeeld

op

Bipolaire stoornis van Alice Bunt

Bipolaire stoornis, ongeveer 150.000 Nederlanders lijden eraan en ik ben er één van.

Weer een wachtkamer, weer te vroeg, weer wachten, dit keer bij de Meregaard. Na de zoveelste depressie heb ik zes jaar geleden gevraagd of ik doorgestuurd kon worden naar de GGZ. Na helemaal binnenstebuiten te zijn gekeerd kwam het oordeel: een bipolaire stoornis of zoals ze vroeger zeiden: manisch depressief.

Ik heb een bipolaire stoornis

Klinkt naar: “Je hebt een stoornis”. Doet me denken aan van die enge mensen die je ziet in films of series, wereld vreemd, levend aan de rand van de maatschappij en die ieder gevoel voor realiteit verloren hebben. Of zwervers die je tegenkomt op straat, in zichzelf gekeerd, alleen bezig met zichzelf en hun ‘schatten’, weggeborgen in grote tassen en karretjes van de Albert Hein. Daar hoor ik nu bij, ook ik heb een psychiatrische stoornis.

Steeds andere behandelaars

En nu wacht ik op alweer een nieuwe behandelaar. Ik heb er al heel wat gehad in die zes jaar dat ik gesprekken heb; ondersteunende gesprekken. Steeds iemand anders: vanwege zwangerschap, niet terugkomen na een zwangerschap, een andere baan, ziekte, een burn-out. Ik heb zelfs behandelaars gehad die ik nog nooit ontmoet heb.

Tot rust komen

Is dat erg? Ik denk het wel. In mijn manische periodes heb ik hulp nodig om weer tot rust te komen, om dat constante gevoel van opwinding te dempen. Want in dergelijke periodes werken bij mij de medicijnen onvoldoende, dan breekt de manie er in zijn volle heftigheid doorheen. Mensen denken dat het fijn is, die euforie, dat: ’I’m on the top of the world’ maar ik ervaar dat niet zo.

Een grote chaos in mijn hoofd

In mijn hoofd is het één grote chaos, gedachtes worden niet afgemaakt, zijn ongrijpbaar geworden, onbegrijpelijk. Ik kan niet stilzitten zonder met mijn voet te trillen, loop doelloos rondjes in de kamer want ik ben vergeten waarmee ik bezig ben, ik voel mijn hard kloppen, mijn keel wordt dichtgeknepen en ik ben bang, doodsbang. Waarvoor? Ik weet het niet, zeg het maar.

Niemand in de wachtkamer

In zulke periodes is een vaste behandelaar fijn, iemand die je kent, die je vertrouwt, waaraan je niets meer hoeft uit te leggen. Maar ook in depressieve periodes is hulp fijn, iemand met wie je alles kun bespreken zonder dat je zelf bang hoeft te zijn dat de ander ongerust wordt. Ik kijk de wachtkamer rond, er zit niemand. Er gaat een deur open, een vriendelijke stem zegt: “Loopt u mee mevrouw Bunt?” Ik geef een hand en samen lopen we de behandelkamer binnen.

Alice Bunt is documentair fotografe die inzoomt op specifieke onderdelen van het leven. Alice bekijkt alles met een bijzondere blik.

Advertentie

Nieuws

Afscheid nemen van je huisdier

Afscheid nemen van je huisdier, het is niet makkelijk. Daar weet blogger Alice Bunt alles van. Ze nam onlangs afscheid van haar kat.

Gedeeld

op

Afscheid nemen van je huisdier
Foto: Alice Bunt

Mijn poezenbeest is dood. Kommis heette ze. Ik heb haar in laten slapen. Haar leventje was op: haar nieren functioneerde niet goed meer en ze had een schildklieraandoening. Eng mager was ze op het laatst. Ze dronk veel en het plezier in haar kattenleventje was weg.

Een echte buitenkat was ze, ik had haar opgehaald uit het asiel: een zielig grijs hoopje, bang zat ze in een hoekje van haar hokje en schuw is ze altijd gebleven. Zodra ze ‘vreemden’ hoorden ging ze naar buiten en verstopte zich op een veilig plekje. Zelfs voor mijn dochter, die nog thuis woonde toen Kommis bij ons kwam, werd ze weer schuw nadat mijn dochter op zichzelf was gaan wonen. En nu is Kommis er niet meer. Ik verwacht haar nog steeds op haar vaste plaatsje in de tuin en als ik voor de deur iets zie bewegen denk ik dat zij het is.

In laten slapen

Het moeilijkste was het moment om het besluit te nemen haar in te laten slapen. Want wat is het juiste moment? Ben ik te vroeg, te laat? Hoe merk je aan een poesje dat het voor haar niet meer verder hoeft, dat haar leven voltooid is. Bij mensen is het duidelijk: er zijn afspraken omdat er een euthanasieverklaring is opgesteld, of mensen hebben zelf maatregelen genomen om hun leven te kunnen beëindigen als het leven voor hen voltooid is.

Afscheid nemen van je huisdier

Maar bij dieren ligt dat anders, dan ligt de verantwoordelijkheid helemaal bij de eigenaar. Hij of zij moet beslissen of je het dier gaat behandelen of in laat slapen. Een heel grote verantwoordelijkheid. Zijn eigenaren bereid afscheid te nemen van hun huisdier of beslissen ze het diertje te laten lijden met een behandeling waarvan de uitkomst onzeker is. Het diertje weet niet waarom het pijn heeft, voor hem bestaat alleen het hier en nu en de pijn die het heeft. Dan komt het aan op een goede dierenarts bij wie dierenwelzijn voorop staat en die de eigenaar goed advies geeft, hoe moeilijk het ook kan zijn omdat dat misschien inhoud dat de eigenaar afscheid moet nemen van zijn of haar huisdier.

Geen pijn lijden

Van mij mag een dier geen pijn lijden en moet het een normaal ‘dierenbestaan’ kunnen hebben. Oud worden mag, natuurlijk. Ik vind oudere dieren aandoenlijk, ze hebben iets vertederends en hebben de zorg en bescherming van hun eigenaar extra hard nodig. En als oudere dieren pijn krijgen zal ik de eerste zijn die zal proberen die pijn weg te nemen met pijnstillers. Maar dieren zijn hard, ze geven niet aan wanneer ze chronische pijn lijden, daarvoor moet je je dier heel goed kennen. En mocht wegens ziekte van het dier het einde in de toekomst onvermijdelijk zijn dan ga ik niet behandelen maar laat mijn diertje inslapen, thuis, in hun eigen veilig omgeving. Net als Kommis, spinnend in mijn armen kreeg zij haar narcose en op haar kussentje kreeg zij haar laatste injectie.

Inmiddels is haar as weer thuis en staat bij de andere overleden dieren in het dode-dieren-hoekje op de koelkast. Allemaal dieren die bij mij gewoond en geleefd hebben en waar ik met heel veel verdriet afscheid van heb moeten nemen.

Lees verder

Nieuws

Mijn bijzondere dochter met MS

Blogger Alice Bunt vertelt over haar bijzondere dochter. Ze heeft net te horen gekregen dat zij multiple sclerose heeft.

Gedeeld

op

Mijn bijzondere dochter

De laatste paar weken blijft dit nummer van Roberta Flack maar door mijn hoofd spoken. De meeste mensen hebben een of ander romantisch beeld bij dit nummer: een eerste blik van twee volwassenen die elkaar na die blik nooit meer zullen vergeten.

Misschien blijft het bij die ene blik, misschien groeit er een heel mooie liefde. Of misschien is die ene blik het begin van een vriendschap voor het leven. Maar voor mij is dit nummer de laatste tijd onlosmakelijk verbonden met mijn dochter Marieke, mijn geweldig, mooie dochter die net als ik een bipolaire stoornis heeft.

Net geboren

Het is nog donker wanneer ik ’s morgens vroeg met mijn hond Bika in het park wandel. De maan maakt vreemde vormen van de kronen van de bladerloze bomen. Ik ben alleen en er is maar een ding waaraan ik kan denken: Marieke en aan haar diagnose, MS, Multiple Sclerose. De woorden van Roberta Flack blijven rondzingen in mijn hoofd: ‘The first time ever I saw your face’. De eerste keer dat ik haar zag: net geboren, ze kon haar hoofdje al optillen. Het leek alsof ze toen al niets wilde missen, alles mee willen maken. En nu dan deze diagnose. Eerlijk gezegd weet ik niet goed wat ik moet, met al die gevoelens die de diagnose teweeg brengen: verdriet, angst, onzekerheid, bange vragen over de toekomst, haar toekomst, Marieke’s toekomst.

Loslaten

Ik heb geen idee hoe ik Marieke kan helpen, of ik haar überhaupt wel kan helpen. Misschien zijn onze wegen met dit verdriet wel wegen die we afzonderlijk af moeten leggen. Los van elkaar: zij om te leren accepteren te leven met nog een aandoening; leren een manier te vinden om zichzelf, Marieke te blijven; leren haar toekomst ondanks alles blijmoedig te gemoed te zien, een toekomst vol vragen, onzekerheden, somber en angstig soms. En ik moet leren haar opnieuw los te laten, haar de kans te geven om als volwassen vrouw door te gaan met haar leven, haar eigen uitwegen te vinden voor haar toekomst met de zekerheid dat ze altijd bij me terecht kan.

Bijzondere dochter

Hier, in het maan verlichte park blijven tranen branden in mijn ogen, blijven steken in mijn keel, weten geen uitweg te vinden naar buiten, verstikken me. Ik wou dat ik voor altijd door kon lopen, weg kon lopen, verdwijnen in een wereld zonder verdriet, waar alleen nog Marieke en ik bestaan zoals op dat eerste moment waarop er niets anders bestond dan mijn mooie, net geboren dochter en ik en mijn liefde voor haar waaraan niets maar dan ook niets veranderd is sinds ik haar voor het eerst zag.

Lees verder

Nieuws

Alles mag op zaterdag!

Alles mag op zaterdag. Vroeger was dat wel anders. Vintage blogger GT Rovers blikt terug op tijden waarin zaterdag geen vrije dag was.

Gedeeld

op

door

Alles mag op zaterdag

Alles mag op zaterdag. Wat een heerlijke gedachte en voor ons de normaalste zaak van de wereld. Maar dat is het niet altijd geweest. Vintage blogger GT Rovers legt uit dat nog niet zo lang geleden de werkweek er heel anders uitziet dan tegenwoordig.

Tegenwoordig is het weekend namelijk véél te kort om al onze activiteiten in te proppen. Maar onze voorouders waren al dolblij met één vrije dag per week! Je leest het goed. 48 uur werken was de normaalste zaak van de wereld. Iets wat we ons tegenwoordig, met al onze verworvenheden, niet meer kunnen voorstellen.

Invoering Arbeidswet

Dankzij een lange strijd van de socialisten werd in 1919 de Arbeidswet ingevoerd. Die zorgde ervoor dat de werkweek verkort werd naar maximaal 45 uur. Dat betekende één hele vrije dag per week en één halve. Op zaterdag werkte men voortaan maar tot 12 uur. Door pressie van de christelijke partijen werd de hele zondag een vrije dag, zodat ook de arbeiders naar de kerk konden. Dit was destijds dus al een enorme vooruitgang.

48-urige werkweek

Na de Tweede Wereldoorlog gooide de regering roet in het eten door te besluiten dat een werkweek uit minimaal 48 uur moest bestaan. Het land was immers in de opbouw. Voortaan werkte men doordeweeks minstens 8,5 uur per dag en op zaterdag tot 13 uur. Wederom kwam het socialisme op voor de arbeiders. De arbeidersbeweging pleitte al vanaf 1955 voor de invoering van een 40-urige werkweek. In Amerika en in een aantal West-Europese landen hadden de werknemers al jaren vrij op zaterdag. De productiviteit was daar enorm gestegen, doordat de werknemers uitgerust op het werk verschenen.

Alles mag op zaterdag

Pas op 23 december 1960 was het zover. Zowel het kabinet als het bedrijfsleven stemde schoorvoetend in met dit wetsvoorstel. Vanaf 1 januari 1961 kregen de werknemers vrij op zaterdag. Dit gold overigens niet voor iedere beroepsgroep. Zo werd op enkele scholen nog tot 1971 op zaterdagochtend lesgegeven.

Experimenteren

Voor de economie bleek de nieuwe wet een gouden zet. Meer vrije tijd had tot gevolg dat de bevolking meer geld uitgaf aan luxegoederen, zoals kleding en auto’s om gezellige dagtochtjes mee te maken. In die tijd was men dus zeer content met een 40-urige werkweek. Wat is de volgende stap? Er zijn inmiddels al die experimenteren met een zesurige werkdagen.

Meer weten?

Meer weten over de bijzondere verhalen van vroeger? Op het blog van GT Rovers vind je meer weetjes en unieke feiten over vervlogen tijden in Nederland.

Bron: GT Rovers

Lees verder

Meest gelezen