Volg ons online

Nieuws

Mijn bijzondere dochter met MS

Blogger Alice Bunt vertelt over haar bijzondere dochter. Ze heeft net te horen gekregen dat zij multiple sclerose heeft.

Gedeeld

op

De laatste paar weken blijft dit nummer van Roberta Flack maar door mijn hoofd spoken. De meeste mensen hebben een of ander romantisch beeld bij dit nummer: een eerste blik van twee volwassenen die elkaar na die blik nooit meer zullen vergeten.

Misschien blijft het bij die ene blik, misschien groeit er een heel mooie liefde. Of misschien is die ene blik het begin van een vriendschap voor het leven. Maar voor mij is dit nummer de laatste tijd onlosmakelijk verbonden met mijn dochter Marieke, mijn geweldig, mooie dochter die net als ik een bipolaire stoornis heeft.

Net geboren

Het is nog donker wanneer ik ’s morgens vroeg met mijn hond Bika in het park wandel. De maan maakt vreemde vormen van de kronen van de bladerloze bomen. Ik ben alleen en er is maar een ding waaraan ik kan denken: Marieke en aan haar diagnose, MS, Multiple Sclerose. De woorden van Roberta Flack blijven rondzingen in mijn hoofd: ‘The first time ever I saw your face’. De eerste keer dat ik haar zag: net geboren, ze kon haar hoofdje al optillen. Het leek alsof ze toen al niets wilde missen, alles mee willen maken. En nu dan deze diagnose. Eerlijk gezegd weet ik niet goed wat ik moet, met al die gevoelens die de diagnose teweeg brengen: verdriet, angst, onzekerheid, bange vragen over de toekomst, haar toekomst, Marieke’s toekomst.

Loslaten

Ik heb geen idee hoe ik Marieke kan helpen, of ik haar überhaupt wel kan helpen. Misschien zijn onze wegen met dit verdriet wel wegen die we afzonderlijk af moeten leggen. Los van elkaar: zij om te leren accepteren te leven met nog een aandoening; leren een manier te vinden om zichzelf, Marieke te blijven; leren haar toekomst ondanks alles blijmoedig te gemoed te zien, een toekomst vol vragen, onzekerheden, somber en angstig soms. En ik moet leren haar opnieuw los te laten, haar de kans te geven om als volwassen vrouw door te gaan met haar leven, haar eigen uitwegen te vinden voor haar toekomst met de zekerheid dat ze altijd bij me terecht kan.

Bijzondere dochter

Hier, in het maan verlichte park blijven tranen branden in mijn ogen, blijven steken in mijn keel, weten geen uitweg te vinden naar buiten, verstikken me. Ik wou dat ik voor altijd door kon lopen, weg kon lopen, verdwijnen in een wereld zonder verdriet, waar alleen nog Marieke en ik bestaan zoals op dat eerste moment waarop er niets anders bestond dan mijn mooie, net geboren dochter en ik en mijn liefde voor haar waaraan niets maar dan ook niets veranderd is sinds ik haar voor het eerst zag.

Alice Bunt is documentair fotografe die inzoomt op specifieke onderdelen van het leven. Alice bekijkt alles met een bijzondere blik.

Advertentie

Nieuws

Afscheid nemen van je huisdier

Afscheid nemen van je huisdier, het is niet makkelijk. Daar weet blogger Alice Bunt alles van. Ze nam onlangs afscheid van haar kat.

Gedeeld

op

Afscheid nemen van je huisdier
Foto: Alice Bunt

Mijn poezenbeest is dood. Kommis heette ze. Ik heb haar in laten slapen. Haar leventje was op: haar nieren functioneerde niet goed meer en ze had een schildklieraandoening. Eng mager was ze op het laatst. Ze dronk veel en het plezier in haar kattenleventje was weg.

Een echte buitenkat was ze, ik had haar opgehaald uit het asiel: een zielig grijs hoopje, bang zat ze in een hoekje van haar hokje en schuw is ze altijd gebleven. Zodra ze ‘vreemden’ hoorden ging ze naar buiten en verstopte zich op een veilig plekje. Zelfs voor mijn dochter, die nog thuis woonde toen Kommis bij ons kwam, werd ze weer schuw nadat mijn dochter op zichzelf was gaan wonen. En nu is Kommis er niet meer. Ik verwacht haar nog steeds op haar vaste plaatsje in de tuin en als ik voor de deur iets zie bewegen denk ik dat zij het is.

In laten slapen

Het moeilijkste was het moment om het besluit te nemen haar in te laten slapen. Want wat is het juiste moment? Ben ik te vroeg, te laat? Hoe merk je aan een poesje dat het voor haar niet meer verder hoeft, dat haar leven voltooid is. Bij mensen is het duidelijk: er zijn afspraken omdat er een euthanasieverklaring is opgesteld, of mensen hebben zelf maatregelen genomen om hun leven te kunnen beëindigen als het leven voor hen voltooid is.

Afscheid nemen van je huisdier

Maar bij dieren ligt dat anders, dan ligt de verantwoordelijkheid helemaal bij de eigenaar. Hij of zij moet beslissen of je het dier gaat behandelen of in laat slapen. Een heel grote verantwoordelijkheid. Zijn eigenaren bereid afscheid te nemen van hun huisdier of beslissen ze het diertje te laten lijden met een behandeling waarvan de uitkomst onzeker is. Het diertje weet niet waarom het pijn heeft, voor hem bestaat alleen het hier en nu en de pijn die het heeft. Dan komt het aan op een goede dierenarts bij wie dierenwelzijn voorop staat en die de eigenaar goed advies geeft, hoe moeilijk het ook kan zijn omdat dat misschien inhoud dat de eigenaar afscheid moet nemen van zijn of haar huisdier.

Geen pijn lijden

Van mij mag een dier geen pijn lijden en moet het een normaal ‘dierenbestaan’ kunnen hebben. Oud worden mag, natuurlijk. Ik vind oudere dieren aandoenlijk, ze hebben iets vertederends en hebben de zorg en bescherming van hun eigenaar extra hard nodig. En als oudere dieren pijn krijgen zal ik de eerste zijn die zal proberen die pijn weg te nemen met pijnstillers. Maar dieren zijn hard, ze geven niet aan wanneer ze chronische pijn lijden, daarvoor moet je je dier heel goed kennen. En mocht wegens ziekte van het dier het einde in de toekomst onvermijdelijk zijn dan ga ik niet behandelen maar laat mijn diertje inslapen, thuis, in hun eigen veilig omgeving. Net als Kommis, spinnend in mijn armen kreeg zij haar narcose en op haar kussentje kreeg zij haar laatste injectie.

Inmiddels is haar as weer thuis en staat bij de andere overleden dieren in het dode-dieren-hoekje op de koelkast. Allemaal dieren die bij mij gewoond en geleefd hebben en waar ik met heel veel verdriet afscheid van heb moeten nemen.

Lees verder

Nieuws

Alles mag op zaterdag!

Alles mag op zaterdag. Vroeger was dat wel anders. Vintage blogger GT Rovers blikt terug op tijden waarin zaterdag geen vrije dag was.

Gedeeld

op

door

Alles mag op zaterdag

Alles mag op zaterdag. Wat een heerlijke gedachte en voor ons de normaalste zaak van de wereld. Maar dat is het niet altijd geweest. Vintage blogger GT Rovers legt uit dat nog niet zo lang geleden de werkweek er heel anders uitziet dan tegenwoordig.

Tegenwoordig is het weekend namelijk véél te kort om al onze activiteiten in te proppen. Maar onze voorouders waren al dolblij met één vrije dag per week! Je leest het goed. 48 uur werken was de normaalste zaak van de wereld. Iets wat we ons tegenwoordig, met al onze verworvenheden, niet meer kunnen voorstellen.

Invoering Arbeidswet

Dankzij een lange strijd van de socialisten werd in 1919 de Arbeidswet ingevoerd. Die zorgde ervoor dat de werkweek verkort werd naar maximaal 45 uur. Dat betekende één hele vrije dag per week en één halve. Op zaterdag werkte men voortaan maar tot 12 uur. Door pressie van de christelijke partijen werd de hele zondag een vrije dag, zodat ook de arbeiders naar de kerk konden. Dit was destijds dus al een enorme vooruitgang.

48-urige werkweek

Na de Tweede Wereldoorlog gooide de regering roet in het eten door te besluiten dat een werkweek uit minimaal 48 uur moest bestaan. Het land was immers in de opbouw. Voortaan werkte men doordeweeks minstens 8,5 uur per dag en op zaterdag tot 13 uur. Wederom kwam het socialisme op voor de arbeiders. De arbeidersbeweging pleitte al vanaf 1955 voor de invoering van een 40-urige werkweek. In Amerika en in een aantal West-Europese landen hadden de werknemers al jaren vrij op zaterdag. De productiviteit was daar enorm gestegen, doordat de werknemers uitgerust op het werk verschenen.

Alles mag op zaterdag

Pas op 23 december 1960 was het zover. Zowel het kabinet als het bedrijfsleven stemde schoorvoetend in met dit wetsvoorstel. Vanaf 1 januari 1961 kregen de werknemers vrij op zaterdag. Dit gold overigens niet voor iedere beroepsgroep. Zo werd op enkele scholen nog tot 1971 op zaterdagochtend lesgegeven.

Experimenteren

Voor de economie bleek de nieuwe wet een gouden zet. Meer vrije tijd had tot gevolg dat de bevolking meer geld uitgaf aan luxegoederen, zoals kleding en auto’s om gezellige dagtochtjes mee te maken. In die tijd was men dus zeer content met een 40-urige werkweek. Wat is de volgende stap? Er zijn inmiddels al die experimenteren met een zesurige werkdagen.

Meer weten?

Meer weten over de bijzondere verhalen van vroeger? Op het blog van GT Rovers vind je meer weetjes en unieke feiten over vervlogen tijden in Nederland.

Bron: GT Rovers

Lees verder

Nieuws

Het oude dorp, een dagje terug in de tijd

Het oude dorp waar Rijk vroeger woonde is totaal veranderd. Rijk gaat op reis en deelt zijn herinneringen aan vroeger.

Gedeeld

op

Het oude dorp
Rijk met zijn broers voor het ouderlijk huis

Rijk van den Hoek, intussen al 27 jaar een echte Noord-Amsterdammer, reist af naar het oude dorp Voorschoten. Het is een bruisend dorp met haar jaarlijkse paardenmarkt waar Floris de Vijfde nog zijn paarden kocht.

Tegenwoordig is het trouwens geen dorp meer maar onderdeel van de aan elkaar groeiende gemeenten van ons aller Randstad. Als het weer laag hangt, zie je zelfs een wolkenkrabber waar vroeger een alom gevreesde tandarts woonde en praktijk hield. Menig oud Voorschotenaar denkt nog knarsetandend aan hem terug.

Gruwelijke tijden

Maar laten we ons niet verliezen in die gruwelijke tijden. De oude tandarts moest zich behelpen met een boormachine die niet veel meer dan honderd toeren per minuut draaide. En kiezen moest hij trekken met een tang die hij bij, de tegenover hem wonende, manke timmerman leende. Ja, dat waren nog eens tijden! We konden de hoofdstraat van het dorp niet in wegens een verbouwing aan de toegang. Volgens Rijk waren ze de rails van de blauwe tram aan het weghalen. Ofwel het mitrailleursnest dat de Duitsers in 1944 hadden laten aanleggen bij deze belangrijke toegang tot het dorp en tot het “barakkenkamp” ernaast.

Wagens en kanonnen

We rijden naar de Voorstraat waar Rijk in zijn jonge jaren heeft gewoond. We komen aan bij het huis waar Rijk is opgegroeid. Er zit nu een lunchroom in. Onmiddellijk stromen van alle kanten familieleden toe. Broers, schoonzussen uit Leiden en een dochter uit Den Haag. Hij zou namelijk trakteren en dat gebeurt niet elke dag. Binnen worden tafels en koppen bij elkaar gestoken. De verhalen breken los over wat er niet meer is en wat tegenwoordig zoveel kleiner is dan het vroeger leek. Het huis, de kamertjes. Bedsteden die zijn verdwenen. “Waar we nu zitten was de gang. Daar hing de kapstok met vaders hoed en jas. Verrek, die stenen paal op de hoek voor het huis, die staat er nog. Daar zat Rijk bovenop toen er in 1943 een nieuw detachement Duitsers langs kwam met wagens en kanonnen. Getrokken door kleine Russische paarden. Die gingen steigeren toen ik ‘prrrr prrrr’ riep. En die moffen werden kwaad. Stom hè.”

Beroemde dameskapper

Het huis aan de overkant is nog steeds wit. Vroeger woonde daar de weduwe van een kaashandelaar met haar jongste dochter. Van die dochter werd gezegd dat ze met Duitse soldaten vree. Op 6 mei 1945 werd ze in het openbaar op een stoep aan de overkant dapper kaalgeschoren door de beroemdste dameskapper van het dorp. Zij had daarna geregeld epileptische aanvallen. Achter dat huis was de timmermanswerkplaats. “We speelden daar vaak in de kaal getrapte tuin”. In de loodsen tussen deurposten uit de sloop, die bewaard werden voor nieuwe huizen. Er stonden ook veel bomen waar heerlijke peren aan groeiden en waar je fijn in kon klimmen. Dat deden Rijk en zijn vriendjes samen met of zonder de zoons van de timmerman. Hun opa woonde bij het gezin in en de oudste zoon moest opa wel eens scheren. Dat was best eng, opa had nogal veel plooien en kon opeens woedend worden als de buurjongens weer eens in de perenbomen zaten.

Loek de smid

Er was een smederij aan de overkant, waar ook paarden beslagen werden. Daar werden paarden soms helemaal in een ‘broek’ gehesen. Een soort groot zeil onder hun buik door. Hun poten – vroeger hadden ze die nog, in plaats van benen – werden vastgebonden om ze stil te houden tijdens het verwisselen van de hoefijzers. Binnen was het tamelijk donker, daar was het vuur. Soms mocht je de smid helpen, door aan de zwengel van de blaasbalg te trekken. De ijzers werden gloeiend tegen de hoeven gedrukt en daarna met nagels aan de hoef getimmerd. De nagels kwamen er opzij van de hoef uit, werden afgeknipt, de hoef werd glad gevijld, kreeg een lik zwarte lap en klaar was Loek. Zo heette de smid.

Het oude dorp

De terugreis werd aangevat, langs het huisje waar Rijk’s moeder niet meer woont, langs de straatjes waar zijn kinderen niet meer spelen en door het tuindorp dat helemaal vernieuwd is. Waar hoge bomen staan en de muziektent verdwenen is. Langs de struiken waar Rijk’s geboortehuis vroeger stond en door een stadswijk waar ooit de weilanden van de boer lagen waar zijn grootmoeder dienstmeid was geweest.

Dit verslag is geschreven door Gijs Witkop voor Sara, for good old times

Lees verder

Meest gelezen