Volg ons online

Nieuws

Afscheid nemen

Afscheid nemen is moeilijk, maar kan ook geruststellend zijn volgens blogster Yvonne Klinkert. Zij vertelt haar eigen ervaringen met haar moeder.

Gedeeld

op

Afscheid nemen

Afscheid nemen moeten iedereen op enig moment in hun leven. Mijn moeder overleed op 80-jarige leeftijd in het ziekenhuisbed waar ze een paar dagen geleden naar toe gebracht was toen ze weigerde te eten. Het personeel van het verzorgingshuis kenden haar als een gretige eter en het viel dus op toen ze de avondboterham liet staan.

Aan de vooravond van haar overlijden zocht ik haar op na een telefoontje van het huis. Mijn oog viel meteen op het bordje met 2 boterhammen,  in kleine blokjes gesneden en zorgzaam afgedekt met huishoudfolie. De zuster vroeg me te proberen of ik nog wat bij haar naar binnen kon krijgen want alle beetjes helpen. Ik beloofde het, maar had er weinig vertrouwen in. Toch prikte ik tegen beter weten in een blokje aan de vork en hield het haar voor. Ze draaide haar hoofd weg en zei rustig : “Nee, dat hoeft niet meer.” “Hoezo, waarom niet?” “Omdat het niet meer nodig is.” Ik staakte meteen mijn pogingen en zette het bordje terug op het nachtkastje.

“Mensen zien in de laatste fase soms van alles”

Na een lange stilte zei ze plotseling: “Wat leuk dat jullie er allemaal zijn.” Alsof ik het de gewoonste zaak van de wereld vond dat ze mensen zag die er niet waren, vroeg ik wie ze allemaal zag. Zonder haperen noemde ze een reeks namen van overledenen en, met enige stemverheffing: “Ach, en de poes is er ook!” Innig tevreden keek ze in de rondte, kennelijk blij met dat voor mij onzichtbare bezoek. Ik wist niet hoe te reageren. Zeggen dat alleen ik er was zou haar van streek kunnen maken en dat wilde ik niet riskeren. Maar meegaan in haar hallucinatie – want dat was het waarschijnlijk – vond ik ook geen optie. Ik zweeg dus en zag even later tot mijn opluchting dat ze ingedommeld was. Zachtjes sloop ik de kamer uit om de zuster te melden dat ze sliep en te vragen of ik naar huis kon gaan. Ze liep met me mee  terug  en intussen vertelde ik wat er was gebeurd. “Dat komt wel vaker voor, mensen zien in de laatste fase soms van alles wat er niet is, het is niet iets om u ongerust over te maken, u kunt best naar huis gaan, ik bel u wel als er iets verandert aan haar toestand.”

“In paniek drukte ik op een paar knoppen”

Om half zeven de volgende ochtend was het zover, ik haastte me om nog een laatste afscheid te kunnen nemen. Ik stond alleen in de lift naar de verdieping waar mijn moeder lag en plotseling bleef hij hangen tussen twee etages in. In paniek drukte ik op een paar knoppen maar dat hielp niet. Mezelf tot kalmte dwingend wachtte ik gelaten af en even plotseling als hij tot stilstand was gekomen kwam hij weer in beweging. Ik rende naar haar kamer waar ik opbotste tegen de zuster die er net uitkwam. “Ach mevrouw, gecondoleerd, uw moeder is zojuist heel rustig ingeslapen.” “Dus ik ben te laat!” “Ik begrijp dat u dat erg vindt, maar het is beter zo want als een stervende op het laatste moment nog een dierbare ziet, dan is het moeilijker om heen te gaan. U kunt haar nog even zien als u wilt.”

“Was het misschien géén hallucinatie?”

Zojuist ingeslapen…hoe lang zat ik vast in de lift? Heeft ze precies in die paar ogenblikken het leven achter zich gelaten? Aarzelend ga ik de kamer binnen en zie mijn moeder, hoog in de kussens, met een glimlach op haar gezicht, handen gevouwen voor haar borst. Ineens moet ik denken aan al die mensen die ze rondom haar bed zag en ik herinner me ooit gelezen te hebben dat we aan gene zijde worden opgewacht door familie, vrienden en bekenden. Was het misschien géén hallucinatie? Kan het zijn dat die mensen er écht waren en haar inderdaad hebben opgevangen? En is ze dáárom  zo rustig ingeslapen? Niemand kan zeggen wat ons na de dood te wachten staat, maar als alle opties open liggen, waarom zou ik dan niet in déze geloven? Met deze troostrijke gedachte neem ik afscheid en raak heel even haar nog warme hand aan.

Mantelaar artikel banner

NED7 is dé community voor 50-plussers die bewijzen dat ouder worden alles behalve vervelend is.

Lees verder
Advertentie

Nieuws

Mijn eerste keer…als zorgverlener

Wim Raaijkmakers is zijn hele leven al zorgverlener. Hij denk vaak terug aan zijn eerste keer als verpleegkundige van 19 jaar.

Gedeeld

op

Zorgverlener

Zorgverlener zijn, het zit mijn hele leven al in me. Ik ben nu 55 jaar en wil iets over mijn eerste keer vertellen. De eerste keer dat ik als 19 jarige leerling verpleegkundige, een vrouwelijke ziekenhuispatiënt ging wassen. Ze bleek ongesteld te zijn.
Haar gezicht kan ik nog helder voor de geest halen. Na 35 jaar zouden alle cellen in mijn lichaam al zo’n vijf keer vernieuwd moeten zijn. Wonderlijk dat dit soort eerste keren dan toch steeds weer mee verhuist naar de nieuwbouwafdeling in mijn herinneringen.

Ze menstrueerde

Toen ik met een metalen kom handwarm water in haar nabijheid kwam, zette ze grote ogen op. Ze schrok. “Ik wist niet dat er ook mannen op de afdeling werkten”, zei ze en terwijl ze haar hoofd naar links in het kussen draaide hoorde ik haar zeggen dat ze menstrueerde. Daar stond ik dan met mijn bakje water en goede bedoelingen. Waarom was ik geen rechten gaan studeren? Of Landbouwhogeschool zodat ik als gecertificeerd boswachter in een Landrover door de bossen kon rondscheuren. “Het ruikt zo en vind dat vervelend voor jou.” Ik zette mijn water neer en schoof het gordijn dicht. Ze lag nog steeds met haar hoofd van mij afgewend.

Afhankelijk zijn van een ander

Wat kon ik me dat goed voorstellen. Een flinke buikwond met doorsneden spieren. Rechtop zitten of draaien in bed, kan alleen met behulp van een beugel die boven je hangt. Afhankelijk te zijn van een ander die je niet kent. En al helemaal mee te moeten maken dat die ander ruikt wat je in je normale doen even met een luchtverfrisser weg kunt sprayen. Op een afgesloten badkamer. Heel wat anders dan achter een gordijntje op een zaal met zes anderen. Ik vond het een mooie vrouw weet ik nog. Vooral haar korte donkerbruine en licht golvende kapsel stond haar goed. Samen met grote donkerbruine ogen in een fijn gezicht deed ze me aan Mireille Mathieu denken maar dan net iets ouder.

Olifantspoten en reuze muggen

Ze draaide haar gezicht met een ruk naar rechts om me aan te kunnen kijken en iets te zeggen. Het bleef steken in haar keel. Mijn hart klopte in de mijne en had het idee dat zij het kon zien. Zoals je een kikker zijn keel op kunt zien blazen. “Ach doe ook maar, het moet toch gebeuren.” Ik zat in mijn pre-kline, zoals de praktijkstage in het Radboud ziekenhuis toen heette. Eerst een maandje in het dompelbad van de praktijk zodat de theorie een fundament heeft. De mentor van onze groep, (haar naam is ook in het geheugen mee verhuisd: Elleke) had ons de volgende tip gegeven: “Als je ergens onzeker of angstig over bent, maak het dan nóg groter in je gedachten.” Er waren een aantal lachwekkende voorbeelden weet ik nog. Olifantspoten aan reuze muggen met die met geen mogelijkheid meer konden zoemen.

Mijn eerste keer

De clou van haar tip was: als je ergens angstig voor bent, veroorzaakt dat letterlijk een vernauwing in je denken. Door iets op een speelse manier groter te maken, schakel je jouw creativiteit in en krijgt de engte waar je gedachten doorheen willen, geen kans. Breng je gedachten naar de werkelijkheid door gewoon te zeggen wat je moeilijk vindt. Je zult zien dat je onzekerheid verandert in mogelijkheden. “Weet je”, zei ik tegen Mireille, “ik vind het ook moeilijk. Het is de eerste keer dat ik een vrouw ga wassen die ouder is dan ik.”

Zorgverlener met krullenkop

Ik boog me een beetje naar haar toe terwijl ik met mijn wijsvinger naar mijn heftig pulserende halsslagader wees. “Ik zie niks”, zei ze en ze spande haar prachtige ogen tot spleetjes. “Doe jij wel eens oogpotlood op?”, wilde ze plotseling weten. Ja dat deed ik. Mijn vriendin was daarmee begonnen zodat mijn ogen nog mooier in mijn krullenkop stonden. “En ik gebruik ook haar jasmijncrème van dokter Hooij…” waarbij ik haar mijn pols liet ruiken. Ze glimlachte een van de mooiste glimlachen die ik ooit gezien heb. “Let’s get started!” liet ze me weten. Haar blik vertrok in een pijnlijke grimas. Het deed zichtbaar pijn om haar benen wat uit elkaar te doen.

“Mag ik dan wel eerst je gezicht en armen wassen voordat we aan het grote gebeuren beginnen?”, kon ik door mijn inmiddels overtuigde glimlach zeggen. Ik zie haar armen nog steeds langzaam naast haar lichaam glijden. Volle en vertrouwde overgave aan deze eersteling. It was a small step for a boy, but a great leap for nursing. Jouw eerste keer. Maak het echt en deel die met me, ik ben heel benieuwd!

Meer weten?

Wil je meer weten over wat ZuidZorg doet? Bezoek dan de site van de zorgorganisatie of volg ze via Facebook voor updates.

Lees verder

Nieuws

Alleen op de wereld en zonder familie

Het gevoel van alleen op de wereld zijn. Blogger Alice Bunt vertelt hoe erg zij haar overleden vader, moeder en zuster mist.

Gedeeld

op

Alleen op de wereld
Foto: Alice Bunt

Langzaam, heel langzaam maakt het gevoel van opluchting na de dood van mijn vader plaats voor intens gemis. De herinneringen aan de oude, blinde man, alleen in z’n kamer op de gesloten afdeling van een verzorgingshuis, dementerend, verward, maakt plaats voor de herinnering aan mijn vader zoals hij écht was: vrolijk, charmant, recht door zee en ervan overtuigd dat regels er waren om overtreden te worden.

Onconventioneel was hij, kritisch, hij stelde vragen bij schijnbaar vaststaande feiten. Hij liet zich niet veel zeggen die schitterende vader van me. Hij ging zijn eigen gang, koos z’n eigen weg en accepteerde de gevolgen.

Sterven is zwaar

Nu is hij overleden. Afgelopen december was zijn uitvaart. Een mooie uitvaart; sober, ingetogen. En ik was blij dat hij rust gevonden had, dat er een einde was gekomen aan dat laatste, moeilijke jaar van zijn leven. “Sterven is zwaar.” Nog hoor ik het hem zeggen: “Sterven is zwaar.” Aan zijn hele lichaam kon je zien dat het een zware strijd geweest was. Helemaal uitgeteerd lag hij daar in z’n bed. Niets was er van hem over, nog van zijn lichaam, nog van zijn geest. Tijdens zijn laatste levensjaar heb ik hem gefotografeerd, heb ik geprobeerd mijn liefde voor hem vast te leggen, voor deze oude man, voor mijn vader van wie ik ontzettend veel hield. En vlak na zijn dood ben ik blijven fotograferen: mijn vader in zijn bed, net overleden; het afleggen van mijn vader; mijn vader in zijn kist. Zonder emoties legde ik alles vast, zonder tranen.

Een bio-urn met mijn vader

Ik zit op een opstapje in een beschut, verwilderd plaatsje in mijn tuin. Weer ben ik aan het fotograferen. Na de crematie is mijn vader bij mij gekomen, in een  bio-urn. De urn is begraven in mijn tuin, op dit plekje, omgeven door struiken. Zelfs nu, in het najaar hoor ik een roodborstje zachtjes zingen. Bij het graf staat een beeldje gemaakt door een van de vele vriendinnen van mijn moeder. Een zittend meisje, ingetogen kijkt ze in de verte. Zoals ze daar zit, bij de urn van mijn vader doet ze me denken aan mijn overleden zusje. Ze kijkt naar de plaats waar mijn vaders urn begraven is. Het lijkt alsof ze, net als ik, wacht op de gouden esdoorn die ik op de urn gezaaid heb.

Alleen op de wereld in mijn achtertuin

In het kleine stukje wildernis heb ik een magnoliatak geplant. In het voorjaar was de tak in een vaas uit gaan lopen en had wortels gekregen. De Magnolia was de lievelingsbloem van mijn moeder. Na haar dood hebben we de buurt afgezocht naar bloeiende takken en gevraagd of we een tak mochten hebben voor op haar kist. En zo zijn we weer samen, wij vieren, ieder in een andere vorm. Ik als enige die nog leeft. Ik begin te huilen. In de eerste plaats om mijn overleden vader. Nu pas besef ik dat ik hem nooit meer zal zien, zal kunnen kussen, zijn en mijn tranen zal voelen als we elkaar weer zagen. Maar ook om mijn lang geleden overleden moeder en zusje. Beide moe van dit leven. Ondanks al het verdriet zijn het ook tranen van blijdschap omdat ik het gevoel heb dat we toch weer samen zijn, hier, in het nu, in dit kleine stukje verwilderde tuin.

Lees verder

Nieuws

Burgemeester Eberhard van der Laan overleden

Burgemeester Eberhard van der Laan is 5 oktober overleden aan de gevolgen van longkanker. Zijn stad maar ook Nederland rouwt om het verlies.

Gedeeld

op

door

Burgemeester Eberhard van der Laan
Foto: Gemeente Amsterdam

Burgemeester Eberhard van der Laan van Amsterdam is gisteravond op 62-jarige leeftijd overleden. Hij overleed aan de gevolgen van longkanker en laat vrouw en vijf kinderen achter. De stad is inmiddels in rouw gedompeld om het verlies van haar zo enorm geliefde burgemeester.

Eberhard Edzard van der Laan werd in 1955 geboren in Leiden. Hij studeerde rechten aan de Vrije Universiteit van Amsterdam, waar hij later in 1992 ook het bekende advocatenkantoor Kennedy van der Laan oprichtte.

Zijn stad Amsterdam

Hij zei z’n advocatenkantoor vaarwel toen hij Minister voor Wonen, Werken en Integratie kon worden. Maar daarvoor zat hij al van 1990 tot 1998 in de gemeenteraad van Amsterdam. Van der Laan was dus in hart en nieren een betrokken en bewogen politicus. Iemand met het hart op de goede plek en een verregaande bevlogenheid als het ging om zijn stad Amsterdam. De stad waar hij zielsveel van hield.

Betrokken en daadkrachtig

Onlangs bleek nogmaals hoe zielsveel de stad ook van haar burgemeester hield, toen massaal gehoor werd gegeven aan de oproep om van der Laan te trakteren op een applaus van enkele minuten. Zijn persoonlijkheid, betrokkenheid en eindeloze daadkracht lag goed bij de Amsterdammers. Voorbeelden van zijn daadkracht waren projecten als de inmiddels bekende Top600, zijn aanpak van gewelddadige veelplegers én de Treiteraanpak in de buurt.

Burgemeester Eberhard van der Laan overleden

Wil je ook het online condoleanceregister voor de burgemeester tekenen? Laat dan hier een bericht van medeleven achter. Na de begrafenis zullen alle reacties worden overhandigd aan de familie.

Lees verder

Meest gelezen