Volg ons online

Nieuws

10 jaar keuzevrijheid in de zorg

Na 10 jaar keuzevrijheid in de zorg maakt Motivaction de balans op. Is het tot nu toe een succes of juist een complete mislukking?

Gedeeld

op

Keuzevrijheid in de zorg

Nederlanders moeten zelfstandiger worden in het maken van keuzes rondom gezondheid en zorg. Dit probeert de overheid al sinds het begin van deze eeuw te stimuleren met de introductie van de zorgverzekeringswet in 2006, de Wmo én de beschikbaarheid van PGB’s. Maar na 10 jaar keuzevrijheid in de zorg vragen we ons af: is het tot nu toe een succes of een mislukking?

Samen met Casemanagement (nu MNtRX) is Motivaction in 2004 het Trendwatch-onderzoek Zorgconsumenten gestart. Dit hebben we gedaan om een helder beeld te krijgen van de keuzeprocessen in de zorg. Wat blijkt, een grote groep Nederlanders heeft sinds de introductie van de marktwerking weliswaar meer informatiebronnen tot zijn of haar beschikking gekregen, maar toch blijken wij niet goed in staat of nemen wij de moeite niet om zelf goed afgewogen keuzes te maken rondom onze zorg.

Goede zorginformatie

Er is veel informatie over de zorg beschikbaar. Vooral via het internet komt veel informatie tot ons. Het is er dus niet makkelijker op geworden om de juiste informatie hieruit te filteren. Want hoe weet je of de informatie die je tot je neemt kwaliteitsinformatie is? En waar baseren mensen hun keuzes op? Na 10 jaar onderzoek blijkt dat de meeste mensen ondersteuning nodig hebben hierbij. In 2003 constateerde Raad voor Volksgezondheid en Samenleving al dat een meerderheid van de consumenten niet op zoek ging naar informatie omdat ze dachten dat deze informatie moeilijk te vinden was. En in 2016 is daar eerlijk gezegd weinig aan veranderd. Nog steeds vindt ongeveer 80% van de mensen dat het niet makkelijk is om de juiste informatie te vinden; met name over de kwaliteit van de zorgaanbieder.

Iedereen is anders

Niet alleen de beschikbaarheid, kwaliteit en toegankelijkheid van de informatie speelt een rol bij de emancipatie van de zorgconsument. Waarden, normen, aspiraties en levensstijl bepalen ook in de zorg waar men behoefte aan heeft, de zelfredzaamheid en de manier waarop men met informatie omgaat. Er zijn mensen die zelf actief op zoek gaan naar informatie, terwijl anderen dat juist niet doen of moeilijker hun weg vinden. Op basis van het zogenaamde ZorgMentality-model zijn er drie typen consumenten.

Maatschappijkritische Zorgconsument

Er is een kleine groep mensen (zo’n 9% van de Nederlanders) die de regie van hun zorg zelf volledig in handen wil hebben. Deze mensen noemen we de Maatschappijkritische Zorgconsument. Zij hebben over het algemeen een gezonde levensstijl en zijn tevreden over hun gezondheidstoestand. Zij zoeken zelf naar betrouwbare informatie en zijn helemaal voor keuzevrijheid en inspraak bij de keuze van een zorginstelling en behandelaar. Wat hun betreft is de vrije artsenkeuze een succes, zolang ze toegang hebben tot de juiste informatie.

Pragmatische Zorgconsument

Verder onderscheiden we de groep mondige, assertieve en Pragmatische Zorgconsumenten (ongeveer 46% van de Nederlanders). Deze consument weet wat ze wil, maakt de wensen duidelijk kenbaar, maar is niet altijd op de hoogte van alle ins en outs rondom de zorg. Voor hen is de stap te groot om alle beschikbare informatie op waarde te beoordelen en daarmee komt hun eigen zorgregie maar moeizaam tot stand.

Minder Zelfredzamen

De derde groep is de groep Minder Zelfredzamen (ongeveer 45%). Deze groep heeft een passieve houding ten opzichte van de keuzes die zij in de zorg moeten maken. Zij geven de voorkeur aan relatief eenvoudige informatie over alle mogelijkheden. Ten aanzien van zelfredzaamheid zijn zij minder enthousiast. Het ontbreekt hen aan de interesse en aan de vaardigheden om zelf actief keuzes te maken in de zorg.

Keuzevrijheid in de zorg

Het beeld van de zelfredzame burger, dat dus bij beleidsmakers bestaat, komt dus niet helemaal overeen met de werkelijkheid. Bijna de helft van de mensen voelt zich namelijk niet in staat of is niet geïnteresseerd om de eigen regie te pakken en zich te informeren over alles. Voor deze mensen is marktwerking in de zorg dus niet iets waar ze heel enthousiast van worden. Uiteraard zijn dit de cijfers van 2016 en zal dit in de toekomst veranderen, maar er zal zeker een groep van Minder Zelfredzamen blijven. Wel wordt verwacht dat deze tegen 2040 gekrompen is tot ongeveer een derde van de Nederlanders.

Succes of mislukking?

Dus wat is na 10 jaar keuzevrijheid in de zorg de conclusie? Is het tot nu toe een succes of juist een mislukking? Eigenlijk is het 10 jaar na de invoering van de zorgverzekeringswet in 2006 nog te vroeg om te zeggen. Duidelijk is wel dat nog lang niet iedereen deelneemt of mee kan doen én dat eigen regie niet alleen bij de gebruikers zelf ligt. Huisartsen, instellingen en zorgverzekeraars hebben een belangrijke taak als het gaat om de ondersteuning van het keuzeproces. Dit kan gedaan worden door onder anderen het beschikbaar maken van (kwaliteits)informatie. En precies hier ligt een schone taak weggelegd voor de sector, want alleen met goede informatie heb je pas echte keuzevrijheid.

Marcel Voorn is Senior researchmanager bij onderzoekbureau Motivaction en richt zich met name op zorg.

Advertentie

Nieuws

Afscheid nemen van je huisdier

Afscheid nemen van je huisdier, het is niet makkelijk. Daar weet blogger Alice Bunt alles van. Ze nam onlangs afscheid van haar kat.

Gedeeld

op

Afscheid nemen van je huisdier
Foto: Alice Bunt

Mijn poezenbeest is dood. Kommis heette ze. Ik heb haar in laten slapen. Haar leventje was op: haar nieren functioneerde niet goed meer en ze had een schildklieraandoening. Eng mager was ze op het laatst. Ze dronk veel en het plezier in haar kattenleventje was weg.

Een echte buitenkat was ze, ik had haar opgehaald uit het asiel: een zielig grijs hoopje, bang zat ze in een hoekje van haar hokje en schuw is ze altijd gebleven. Zodra ze ‘vreemden’ hoorden ging ze naar buiten en verstopte zich op een veilig plekje. Zelfs voor mijn dochter, die nog thuis woonde toen Kommis bij ons kwam, werd ze weer schuw nadat mijn dochter op zichzelf was gaan wonen. En nu is Kommis er niet meer. Ik verwacht haar nog steeds op haar vaste plaatsje in de tuin en als ik voor de deur iets zie bewegen denk ik dat zij het is.

In laten slapen

Het moeilijkste was het moment om het besluit te nemen haar in te laten slapen. Want wat is het juiste moment? Ben ik te vroeg, te laat? Hoe merk je aan een poesje dat het voor haar niet meer verder hoeft, dat haar leven voltooid is. Bij mensen is het duidelijk: er zijn afspraken omdat er een euthanasieverklaring is opgesteld, of mensen hebben zelf maatregelen genomen om hun leven te kunnen beëindigen als het leven voor hen voltooid is.

Afscheid nemen van je huisdier

Maar bij dieren ligt dat anders, dan ligt de verantwoordelijkheid helemaal bij de eigenaar. Hij of zij moet beslissen of je het dier gaat behandelen of in laat slapen. Een heel grote verantwoordelijkheid. Zijn eigenaren bereid afscheid te nemen van hun huisdier of beslissen ze het diertje te laten lijden met een behandeling waarvan de uitkomst onzeker is. Het diertje weet niet waarom het pijn heeft, voor hem bestaat alleen het hier en nu en de pijn die het heeft. Dan komt het aan op een goede dierenarts bij wie dierenwelzijn voorop staat en die de eigenaar goed advies geeft, hoe moeilijk het ook kan zijn omdat dat misschien inhoud dat de eigenaar afscheid moet nemen van zijn of haar huisdier.

Geen pijn lijden

Van mij mag een dier geen pijn lijden en moet het een normaal ‘dierenbestaan’ kunnen hebben. Oud worden mag, natuurlijk. Ik vind oudere dieren aandoenlijk, ze hebben iets vertederends en hebben de zorg en bescherming van hun eigenaar extra hard nodig. En als oudere dieren pijn krijgen zal ik de eerste zijn die zal proberen die pijn weg te nemen met pijnstillers. Maar dieren zijn hard, ze geven niet aan wanneer ze chronische pijn lijden, daarvoor moet je je dier heel goed kennen. En mocht wegens ziekte van het dier het einde in de toekomst onvermijdelijk zijn dan ga ik niet behandelen maar laat mijn diertje inslapen, thuis, in hun eigen veilig omgeving. Net als Kommis, spinnend in mijn armen kreeg zij haar narcose en op haar kussentje kreeg zij haar laatste injectie.

Inmiddels is haar as weer thuis en staat bij de andere overleden dieren in het dode-dieren-hoekje op de koelkast. Allemaal dieren die bij mij gewoond en geleefd hebben en waar ik met heel veel verdriet afscheid van heb moeten nemen.

Lees verder

Nieuws

Mijn bijzondere dochter met MS

Blogger Alice Bunt vertelt over haar bijzondere dochter. Ze heeft net te horen gekregen dat zij multiple sclerose heeft.

Gedeeld

op

Mijn bijzondere dochter

De laatste paar weken blijft dit nummer van Roberta Flack maar door mijn hoofd spoken. De meeste mensen hebben een of ander romantisch beeld bij dit nummer: een eerste blik van twee volwassenen die elkaar na die blik nooit meer zullen vergeten.

Misschien blijft het bij die ene blik, misschien groeit er een heel mooie liefde. Of misschien is die ene blik het begin van een vriendschap voor het leven. Maar voor mij is dit nummer de laatste tijd onlosmakelijk verbonden met mijn dochter Marieke, mijn geweldig, mooie dochter die net als ik een bipolaire stoornis heeft.

Net geboren

Het is nog donker wanneer ik ’s morgens vroeg met mijn hond Bika in het park wandel. De maan maakt vreemde vormen van de kronen van de bladerloze bomen. Ik ben alleen en er is maar een ding waaraan ik kan denken: Marieke en aan haar diagnose, MS, Multiple Sclerose. De woorden van Roberta Flack blijven rondzingen in mijn hoofd: ‘The first time ever I saw your face’. De eerste keer dat ik haar zag: net geboren, ze kon haar hoofdje al optillen. Het leek alsof ze toen al niets wilde missen, alles mee willen maken. En nu dan deze diagnose. Eerlijk gezegd weet ik niet goed wat ik moet, met al die gevoelens die de diagnose teweeg brengen: verdriet, angst, onzekerheid, bange vragen over de toekomst, haar toekomst, Marieke’s toekomst.

Loslaten

Ik heb geen idee hoe ik Marieke kan helpen, of ik haar überhaupt wel kan helpen. Misschien zijn onze wegen met dit verdriet wel wegen die we afzonderlijk af moeten leggen. Los van elkaar: zij om te leren accepteren te leven met nog een aandoening; leren een manier te vinden om zichzelf, Marieke te blijven; leren haar toekomst ondanks alles blijmoedig te gemoed te zien, een toekomst vol vragen, onzekerheden, somber en angstig soms. En ik moet leren haar opnieuw los te laten, haar de kans te geven om als volwassen vrouw door te gaan met haar leven, haar eigen uitwegen te vinden voor haar toekomst met de zekerheid dat ze altijd bij me terecht kan.

Bijzondere dochter

Hier, in het maan verlichte park blijven tranen branden in mijn ogen, blijven steken in mijn keel, weten geen uitweg te vinden naar buiten, verstikken me. Ik wou dat ik voor altijd door kon lopen, weg kon lopen, verdwijnen in een wereld zonder verdriet, waar alleen nog Marieke en ik bestaan zoals op dat eerste moment waarop er niets anders bestond dan mijn mooie, net geboren dochter en ik en mijn liefde voor haar waaraan niets maar dan ook niets veranderd is sinds ik haar voor het eerst zag.

Lees verder

Nieuws

Alles mag op zaterdag!

Alles mag op zaterdag. Vroeger was dat wel anders. Vintage blogger GT Rovers blikt terug op tijden waarin zaterdag geen vrije dag was.

Gedeeld

op

door

Alles mag op zaterdag

Alles mag op zaterdag. Wat een heerlijke gedachte en voor ons de normaalste zaak van de wereld. Maar dat is het niet altijd geweest. Vintage blogger GT Rovers legt uit dat nog niet zo lang geleden de werkweek er heel anders uitziet dan tegenwoordig.

Tegenwoordig is het weekend namelijk véél te kort om al onze activiteiten in te proppen. Maar onze voorouders waren al dolblij met één vrije dag per week! Je leest het goed. 48 uur werken was de normaalste zaak van de wereld. Iets wat we ons tegenwoordig, met al onze verworvenheden, niet meer kunnen voorstellen.

Invoering Arbeidswet

Dankzij een lange strijd van de socialisten werd in 1919 de Arbeidswet ingevoerd. Die zorgde ervoor dat de werkweek verkort werd naar maximaal 45 uur. Dat betekende één hele vrije dag per week en één halve. Op zaterdag werkte men voortaan maar tot 12 uur. Door pressie van de christelijke partijen werd de hele zondag een vrije dag, zodat ook de arbeiders naar de kerk konden. Dit was destijds dus al een enorme vooruitgang.

48-urige werkweek

Na de Tweede Wereldoorlog gooide de regering roet in het eten door te besluiten dat een werkweek uit minimaal 48 uur moest bestaan. Het land was immers in de opbouw. Voortaan werkte men doordeweeks minstens 8,5 uur per dag en op zaterdag tot 13 uur. Wederom kwam het socialisme op voor de arbeiders. De arbeidersbeweging pleitte al vanaf 1955 voor de invoering van een 40-urige werkweek. In Amerika en in een aantal West-Europese landen hadden de werknemers al jaren vrij op zaterdag. De productiviteit was daar enorm gestegen, doordat de werknemers uitgerust op het werk verschenen.

Alles mag op zaterdag

Pas op 23 december 1960 was het zover. Zowel het kabinet als het bedrijfsleven stemde schoorvoetend in met dit wetsvoorstel. Vanaf 1 januari 1961 kregen de werknemers vrij op zaterdag. Dit gold overigens niet voor iedere beroepsgroep. Zo werd op enkele scholen nog tot 1971 op zaterdagochtend lesgegeven.

Experimenteren

Voor de economie bleek de nieuwe wet een gouden zet. Meer vrije tijd had tot gevolg dat de bevolking meer geld uitgaf aan luxegoederen, zoals kleding en auto’s om gezellige dagtochtjes mee te maken. In die tijd was men dus zeer content met een 40-urige werkweek. Wat is de volgende stap? Er zijn inmiddels al die experimenteren met een zesurige werkdagen.

Meer weten?

Meer weten over de bijzondere verhalen van vroeger? Op het blog van GT Rovers vind je meer weetjes en unieke feiten over vervlogen tijden in Nederland.

Bron: GT Rovers

Lees verder

Meest gelezen